Alles over Ee
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Ee

Historie van Ee

Ee is een terpdorp dat al enkele eeuwen voor het begin van de jaartelling is ontstaan in een landschap van zeearmen en kreken op een kwelderwal. Ee kon door de dijk langs de tot 1729 open blijvende zeearm van het Dokkumer Grootdiep geen (korte) waterontsluiting naar het zuiden krijgen. De opvaart werd dan ook gemaakt naar de noordelijk gelegen Zuider Ee langs de terp Tibma.

Het radiale terpdorp raakte vrij dicht bebouwd, vanaf het centraal gelegen kerkhof met een rondgaand kerkpad tot aan de binnenzijden van de nog vrijwel complete ringweg. Een viertal smalle straatjes en paden ontsloot in dit kerngebied de vrij geconcentreerde buurtjes met kleinschalige bebouwing die vooral aan de noordwestelijke en zuidelijke zijde tamelijk dicht was en aan de oostelijke zijde iets losser. De bebouwing is vrijwel geheel op de radiale wegen en paden gericht, niet op de ringweg. Dat is vooral te merken bij de westelijke radiaalweg, die het breedste profiel heeft en waaraan enige burgerwoningen zijn gelegen. Aan de andere straatjes staat meest bescheiden bebouwing, die sinds de 18de en 19de eeuw nauwelijks meer vernieuwd is en schilderachtige beelden oplevert. Om het kerkhof is weinig ruimte en alleen tegenover de toren zijn een paar woningen op het kerkhof gericht. Gedurende de 18de eeuw kwam er geleidelijk ook enige bebouwing buiten de terp aan de oostelijke zijde tot stand. In de 19de eeuw werd het dorp verder in oostelijke richting uitgebreid tussen Uniastrjitte-Dodingawei en Achterwei- Stienfeksterwei.

De van kloostermoppen gebouwde dorpskerk dateert voor een belangrijk deel uit het derde kwart van de 13de eeuw: de oostelijke partij is in de 18de en de westelijke partij met toren in de 19de eeuw vernieuwd. In de noordgevel zitten vroeg gotische vensters die gedeeltelijk zijn dichtgezet. In de consoles onder de gootlijst zijn maskers van mensen en dieren gehakt. In de kerk zijn een marmeren epitaaf voor Snelliger Meckama en negen rouwborden uit de tweede helft van de 17de eeuw te zien.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © FrieslandWonderland