Alles over Folsgare
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Folsgare

Folsgare

Net boven Sneek ligt het terpdorpje Folsgare. Het dorp is vanwege haar prachtige omgeving een gewilde woonplaats voor mensen die in Sneek werken. Met zo’n 360 inwoners is het een klein dorp. Desondanks heeft het dorp veel eigen voorzieningen. De inpoldering van de Friese Middelzee heeft een grote rol gespeeld in het ontstaan van dit mooie dorp.

Geschiedenis
Rond het jaar 1000 begon men met de inpoldering van de Friese Middelzee. Dijken hielden het water tegen. Hierdoor kwam er grond beschikbaar, waarop gebouwd kon worden. Eén van deze dorpen is Folsgare. De dijken zijn vandaag de dag nog altijd duidelijk in het landschap terug te vinden. Ook in de straatnamen zijn ze duidelijk te herkennen. Zo is er de Tsjaerddyk, Jongedyk en de Mieddyk. Deze straten vormen samen de kern van het dorp.
In 1534 werd er aan de rand van het dorp een kerktoren gebouwd, met een hoog zadeldak. Pas later, in 1875 werd er een kerk naast de toren gezet. Dit is de huidige Nederlandse Hervormde Kerk aan de Tsjaerddyk.

Bezienswaardigheden
In 1995 kreeg Folsgare een kunstwerk, dat de geschiedenis van het dorp verbeeldt. Het kunstwerk bestaat uit drie pilaren, die de drie dijken verbeelden. De mooie waterlelie op het beeld stelt het ondergelopen land voor. Hieruit is Folsgare als terpdorp ontstaan.

Wonen en leven
Met haar ligging net boven Sneek is Folsgare een aantrekkelijke plek om te wonen. Veel mensen die in Sneek wonen, kiezen voor Folsgare vanwege de rust en omliggende natuur. Deze stroom van inwoners heeft voor een flinke nieuwbouw gezorgd. Aan de zuidzijde is een geheel nieuwe wijk gebouwd.
Deze dorpsuitbreidingen zorgden ervoor dat Folsgare betere voorzieningen kreeg. Een basisschool, sportveld en een eigen dorpshuis, met daarin een feestzaal met beweegbaar podium, kleedkamers voor de buitensport en een vergaderruimte. Folsgare heeft geen eigen winkels. Daarvoor moeten bewoners uitwijken naar Sneek.

© Gemeente Sudwest Fryslân

Historie van Folsgare

Folsgare is een terpdorp dat is ontstaan in de Middeleeuwen. Het dorp heeft lang slechts een kleine kerkbuurt gehouden. Langs de Tsjaerddyk die naar Nijland leidde, stond al vroeg een flinke reeks boerenbedrijven. Ten zuiden van het dorp lag eveneens een groep boerderijen, maar die waren niet op het dorp gericht. De Folsgarer Opvaart bood een ontsluiting in zuidelijke richting om via de Oude Rijn verbinding te hebben met de Wymerts of Bolswardervaart aan de ene en met de Geeuw tussen Sneek en IJlst aan de andere kant. Met dit waterwegenstelsel waren de zuidelijke boerderijen, elk met een eigen opvaart, eveneens ontsloten. Op de kaart in de atlas van Schotanus uit 1716 is dat aangegeven.

De Tegenwoordige Staat van Friesland meldde in 1788 niet veel: ‘een Dorp van middelbaaren omtrek en landeryen, doch gering van buurt: hetzelve bevat 20 stemdraagende plaatsen, en ligt in den hoek van gemelden Tjaarddyk, tusschen Nieuwland en Sneek. Weleer lag hier de State Walma. In 1498 werd hier de kerk met den toren afgebrand door de Soldaaten, die de Vetkooper Tjerk Walta had in ’t land gebragt; ook kwamen daarby twee huislieden om, die op den toren gevlugt waren.’

De middeleeuwse kerk is in 1875 door de huidige zaalkerk met driezijdige koorsluiting vervangen, maar de zadeldaktoren is mogelijk nog 13de-eeuws. De meeste oude dorpsbebouwing is te vinden aan de Tsjaerddyk. Het dorp is na de Tweede Wereldoorlog aanzienlijk uitgebreid, eerst met een oostelijk kwartier, later met een wijk aan de zuidzijde. In de landerijen rond Folsgare staan grote, soms monumentale boerderijen.

Ten noorden van Folsgare ligt Tjalhuizum (Fr.: Tsjalhuzum), een buurschap van enkele boerderijen en een toren op een terp. Het heeft een verleden als middeleeuws terpdorp. De kerk is in 1823 afgebroken, maar de toren werd in 1871 nog geheel vernieuwd, een toren van drie geledingen en een ingesnoerde spits. Tussen Folsgare en Tjalhuizum is in het midden van de jaren vijftig het verzetsmonument van Wymbritseradiel opgericht: een wakkere haan op een hoge piloon.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © Hendrik van Kampen