Alles over Hemelum
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Hemelum

Hemelum

Hemelum is een klein en dynamisch dorp. Het dorp ligt prachtig in het glooiende landschap van Gaasterland. In het Noorden grenst het dorp aan de Morra, één van de oudste meren van Friesland. Aan de zuidkant kijkt het uit over de bossen van Gaasterland. Het dorp telt een kleine zeshonderd inwoners.

Geschiedenis
Al in 1180 wordt Hemelum genoemd in historische documenten. Het dorp had een stins, enkele states en een vrouwenklooster van de benedictijner orde. Dit klooster was een van de eerste kloosters in Friesland. Behalve nonnen, vestigden zich in de buurt ook begijnen, vrome katholieke vrouwen, die een kuis leven wilden leiden. In 1668 werd de Nederlandse hervormde kerk van Hemelum gebouwd op de fundamenten van de oude kloosterkerk. De kloostertraditie in het dorp kreeg eind 20ste eeuw een vervolg. Een Russisch-orthodox klooster vestigde zich toen in het dorp.

Bezienswaardigheden
Hemelum ligt in een fraai landschap, omgeven door meren en bossen. Toeristen bezoeken het dorp daarom graag, niet alleen in de vakanties, maar ook in de weekenden. Vanuit Amsterdam is het ruim een uur rijden naar Hemelum, vanaf Arnhem anderhalf uur. Voor zowel de inwoners als hun vele gasten is Hemelum een stukje hemel op aarde!

Wonen en leven
Jarenlang zorgde met name het boerenbedrijf voor bedrijvigheid in en rond Hemelum. Tegenwoordig komen daar echter steeds meer ondernemingen bij die zich richten op het toerisme, zoals watersportbedrijven. Hemelum heeft een gezond bedrijfsleven.
Hemelum heeft een compleet aanbod van voorzieningen, zoals een basisschool, een peuterspeelzaal, dorpshuis, jachthaven en een supermarkt. Bovendien kent het dorp, zoals veel Friese dorpen, een zeer actief verenigingsleven. Ook het kerkelijk leven, waarin Hemelum ooit zijn oorsprong vond, is goed vertegenwoordigd.

© Gemeente Sudwest Fryslân

Historie van Hemelum

Hemelum ademt door zijn hoge ligging een heel eigen sfeer. Het dorp heeft een nagenoeg rechthoekige kom die vanuit de wegen aan de zuid- en westzijde, waaraan de oudste bebouwing staat, ontwikkeld is. Deze oudste bebouwing gaat overigens niet verder terug dan tot het einde van de 19de eeuw. De naoorlogse dorpsuitbreiding heeft in het noordoostelijk kwartier plaats gekregen.

Buiten de kruising van de wegen staat de vrij jonge kerk die in niets herinnert aan het kloosterverleden van Hemelum. Er hebben zowel een uit het midden van de 13de eeuw daterend vrouwenklooster, als een bijna anderhalve eeuw jonger mannenklooster gestaan. Beide waren ze onderhorig aan het in deze contreien zeer machtige Sint-Odulphusklooster van Stavoren. Voorts heeft het dorp zijn rol gespeeld in de strijd van Schieringers en Vetkopers gedurende de late Middeleeuwen. Dit omdat er een paar adellijke families woonden die hun invloed in de hele Zuidwesthoek trachtten uit te oefenen. Van de allure die het dorp vroeger gehad moet hebben is weinig meer te bespeuren, maar het ingetogen dorp ligt met zijn uitburen nog steeds prachtig in het landschap.

De dorpskerk staat op een sfeervol kerkhof. Zij doet met haar eigengereide vorm wel recht aan de bijzondere kerkelijke geschiedenis. Het is een kruiskerk die in 1896 is gebouwd van de gele baksteen. Het westwerk is enigszins geleed, maar wel gesloten en er steekt niet een dakruiter, maar een echte, slanke toren omhoog. Deze toren met de fraaie plastische invulling van de geledingen, de uurwerkplaten en de mooi gedetailleerde kroonlijst, doet sterk denken aan die van Schettens en Dedgum. Hoewel de architect onbekend is gebleven zou het Jan van Reenen kunnen zijn. Rondboogvensters en ronde vensters in de geveltoppen van de dwarsbeuken geven het gebouw een eigen karakter.

Van de Koudumer Slaperdijk (1732) van de befaamde waterstaatkundige Willem Loré zijn aanzienlijke gedeelten verdwenen, maar ten noordoosten van Hemelum ligt nog een tracé van twee kilometer. Vanaf het huidige Johan Frisokanaal loopt de slaperdijk richting Nijbuorren onder Hemelum waar hij tegen de snel omhoog lopende glaciale rug oploopt.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © Hendrik van Kampen