Alles over Idaerd
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Idaerd

Idaerd

De dorpjes Eagum, Friens en Idaerd behoren tot de kleinste in Mid-Fryslân.

Eagum lijkt met zo’n 25 inwoners, verdeeld over 6 boerderijen, niet meer dan een stipje op de kaart. Echter, naast de zadeldaktoren van de kerk staat op een steentje het volgende vers geschreven: ‘Eagum leit mids yn’e wrâld, trije trêden fan de toer, dêr is it middelpuntsje, en dy’t it net leauwe wol, kin it neitrêdsje’ (Eagum is het middelpunt van de wereld, namelijk op drie stappen van de toren en wie het niet gelooft, meet het maar na).

Ook in het dorpje Idaerd treft u een kerk aan met een voor de streek en provincie typische zadeldaktoren. De toren is uit de 16e eeuw, de kerk zelf is echter van latere datum, nl. 1774. Evenals buurdorp Jirnsum, lag ook Friens vroeger aan de Middelzee en was gebouwd op een hoge terp. Op deze terp stond een stins die van 1620 tot 1849 bewoond werd door de adellijke families van Sytzama en van Beslinga. In die tijd strekte het grondgebied van Friens zich uit van Jirnsum tot Reduzum De stins is helaas afgebroken, maar in de omgeving zijn nog steeds veel grote boerderijen te vinden. In de kerk herinneren rouwborden, rijk bewerkte grafstenen en grafkelders op het kerkhof aan de vroegere adel.

© VVV Mid Fryslân

Historie van Idaerd

Het kleine terpdorp Idaard was in de Middeleeuwen de hoofdplaats van de grietenij Idaarderadeel, maar is later door vrijwel alle andere Idaarderadeelster dorpen overvleugeld. Het was met de Kromme Sloot via het Eagumerdiep, het vaarwater tussen Leeuwarden en Grou, verbonden. Het had een weg naar Reduzum die in 1843 een bepuining kreeg en pas na de oorlog kwam er een wegverbinding met Grou. Toen omstreeks 1960 rijksweg N32 van Leeuwarden naar Heerenveen werd aangelegd, was het dorp kortstondig goed ontsloten. Maar nadat deze weg autosnelweg was geworden, werd Idaard weer teruggeworpen in isolement.

In het midden van de 19de eeuw toont de grietenijkaart een agrarisch dorp, gegroepeerd om de kerkterp met de boerderijen Groot en Klein Epema en Sijbema aan de oostelijke zijde en wat kleinere gebouwen ten noorden van de terp. Aan de weg naar Reduzum ligt Friesmastate. Tot 1882 lag dit adellijk buiten in een uitgestrekt park. Er is geen spoor meer van te vinden. Aan de noordelijke uitvalsweg staan boerderijen, burger- en volkswoningen in een rij.

Nu bestaat de kern van het dorp uit een deels afgegraven terp met de kerk en toren, een klein buurtje van een paar panden daar tegenover en een groene ruimte aan de oostzijde omringd door enkele monumentale boerderijen. De kerk dateert uit 1774, de stichtingssteen vermeldt dat de vierjarige Cornelius Arent van Scheltinga op 4 juli de eerste steen heeft gelegd. Drie jaar later zou deze jonge zoon van de grietman dat ook doen bij de kerk van Eagum. Het is een eenvoudige zaalkerk met een driezijdige koorsluiting. De iets verdiepte traveeën bezitten korfbogig gesloten vensters. De zadeldaktoren stamt uit de 15de eeuw en heeft aan de westzijde een vlakke geveltop met een luik. De oostelijke, naar het dorp toe gerichte geveltop is getooid met een drietal nissen. Aan alle zijden zitten twee rondbogige galmgaten maar alleen aan de noordzijde is een uurwerk aangebracht. De kerk is heeft zes gebrandschilderde ramen uit de 18de eeuw.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © FrieslandWonderland