Alles over Morra
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Morra

Historie van Morra

Morra is een terpdorp dat enkele eeuwen voor het begin van de jaartelling is ontstaan. De ovale, niet zeer hoge terp is prachtig te ervaren, omdat de meeste bebouwing geconcentreerd binnen de volledige ringweg ligt. De externe bebouwing staat, op enige concentratie aan de noordoostzijde en enkele grote boerderijen aan de oostzijde na, op eerbiedwaardige afstand. Zoals enkele monumentale boerderijen ten noorden van het dorp. Behalve een kleine kop-rompboerderij (1772) met dwarsvleugel aan de Grutte Buorren, is er op de terp geen agrarische bebouwing te vinden.

De tweelingdorpen Morra en Lioessens zijn op sociaal en maatschappelijk terrein aan elkaar gebonden, maar ze verschillen historisch, geografisch en stedenbouwkundig sterk. Bovendien vertoont de landschappelijke ruimte tussen de dorpen, een afstand van ongeveer 500 meter, opmerkelijke verschillen. Er vindt de overgang plaats van het lage weidegebied rond Morra naar het ruim een meter hoger liggende akkerbouwgebied rond Lioessens. De tot Dijkstervaart getemde oude kwelderslenk vormt er ongeveer de grens van. Op die grens liggen de sporen van vernieuwende, bedrijvige ontwikkelingen uit het begin van de 20ste eeuw. Ze vormen nog steeds een spannend gebied, een soort buurschap, dat de landschappelijke perspectieven van Morra en Lioessens over en weer verhevigen. Hoewel de bedrijvige en infrastructurele dynamiek van zuivelfabriek (1915) en spoorweg (1909) is verdwenen, hebben de ontwikkelingen wel sporen achtergelaten: de fabriek en het station, die beide tot Lioessens worden gerekend.

De oorspronkelijk aan Johannes de Evangelist toegewijde vroeg-gotische kerk is vrij gaaf. Het gebouw is in de tweede helft van de 13de eeuw van kloostermoppen opgetrokken. Het vijfzijdig gesloten koor heeft vensters met kraalprofielen en de gevelvallen worden afgesloten met tandlijsten. Midden in de noordelijke gevel heeft een dichtgezette ingang een sleutelgatvorm. De westzijde is in 1843 vernieuwd en met een elegant neoclassicistisch houten torentje bekroond. Het interieur bevat veel fraaie elementen, waaronder 16de tot 18de-eeuwse zerken en een klein maniëristisch marmeren epitaaf uit 1625 voor Wopke van Scheltema en Frouck Roorda van Genum.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © Hendrik van Kampen