Alles over Nijeholtpade
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Nijeholtpade

Historie van Nijeholtpade

Nijeholtpade is een streekdorp, in de late Middeleeuwen ontstaan aan de weg van Wolvega naar Oosterwolde. De vrij losse lintbebouwing langs de Binnenweg (thans Hoofdweg) is op de grietenijkaart in de atlas van Schotanus uit 1716 weergegeven. Door de knik in de Hoofdweg, terwijl de Binnenweg doorloopt en door de positie van de kerk nabij de Bovenweg (ook wel Buitenweg en thans Stellingenweg), is een wegenkruis ontstaan en werd het dorpsgezicht gevarieerder dan dat van omliggende dorpen.

De Tegenwoordige Staat van Friesland meldde in 1788: ‘het Oostelykste der Dorpen aan de Noordkant van de Linde, strekt zich met zyne landeryen Noordwaards uit tot aan de Kuinder, en zuidwaards tot aan de Linde. De Kerk deezes Dorps heeft een spits torentje, waarin twee klokken hangen: dezelve staat aan het einde van den Middelweg, die by Wolvega begint, en, by deeze Kerk in den Buitenweg eindigt. […] Daaromtrent liggen de huizen zeer aangenaam in het geboomte en de bouwlanden. Nergens vindt men in deeze Grieteny meer Houtgewas, dan in dit en in ’t naastvolgende Dorp, waarop ook jaarlyks hier veel brandhout wordt gemaakt, en alomme verzonden […]. Weleer was hier een sterk gemuurd gebouw, uit eene graft opgetrokken en Friesburg genaamd […] hebbende dat gebouw toebehoord aan den Saxischen Grietman Lykle Eblens, gesprooten uit het voortreffelyk geslagt […] ’t welk namaals den naam van Lyklama à Nyeholt heeft aangenomen.’

Op de kaart uit 1850 in de atlas van Eekhoff is te zien dat het dorp toen nog een bescheiden omvang had. En dat terwijl het de stamplaats was van het Lycklama à Nijeholt-geslacht, dat lange tijd belangrijke bestuurlijke functies in Weststellingwerf en andere grietenijen bekleedde.

De laat-gotische, aan Sint-Nicolaas gewijde kerk heeft een driezijdig gesloten koor en een aardig ritme aan spitsboogvensters tussen steunberen. De slanke toren met naaldspits heeft oorspronkelijk aan de voet grote spitsbogige openingen gehad, maar die zijn dichtgezet. Tegen de westelijke muur is een overhoekse steunbeer geplaatst. De toren draagt twee klokken, één van Willem Wegewaert uit 1598 en de andere van Gheraert Koster uit 1611.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © FrieslandWonderland