Alles over Weidum
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Weidum

Weidum

Het terpdorp Weidum ligt in de Greidhoeke ten zuidwesten van Leeuwarden. De Hegedyk beschermde het oude land tegen de voormalige middelzee. Het nieuwland aan de andere kant van de dijk is nog duidelijk te herkennen in het landschap. Het dorp is via de Weidumer Feart verbonden met de Swette.

Weidum heeft een rijke historie. Het was een geliefde plek voor meerdere adellijke families. Ze lieten er states bouwen met prachtige tuinen. Enkele fraaie boerderijen en slotenpatronen herinneren aan deze tijd. Op de plaats van de voormalige Dekemastate een ijsbaan aangelegd. Van 1704 tot 1907 stond het rechthuis van de grietenij Baarderadiel in Weidum.

De oude dorpskern is een beschermd dorpsgezicht. De Greate en Lytse Buorren vormen samen met de oude kerk en het ruime kaatsveld voor een fraai plaatje. De kerk heeft een 11e eeuwse toren van tufsteen. De karakteristieke naaldspits is in de wijde omtrek te herkennen. De toegangspoort aan de zuidkant van de kerk heeft fraaie gotische versieringen.

Vlakbij de kerk ligt de grote familiebegraafplaats van de Buma’s, een belangrijke adellijke familie in het dorp.

Het kaatsveld is ieder jaar het decor voor de Froulju’s pc, het belangrijkste evenement voor het vrouwenkaatsen.

Buiten het dorp staat langs de Weidumer Feart een grote Amerikaanse windmotor uit 1920. Deze blikvanger is nog steeds in gebruik.

Vanaf het WeidumerHout kunt u een kanotocht maken langs Bears, Jorwert, Baard en Easterlittens. Onderweg zijn aanlegplaatsen en picknickbanken. U kunt ook een fietstocht maken via de Elfstedenroute langs de Swette.

© Doarpswurk

Historie van Weidum

Het terpdorp Weidum lag oorspronkelijk terzijde van de Hegedyk. Het dorp was via de Weidumervaart verbonden met de Jaanvaart en daarmee met alle windstreken. Er stonden tot de 19de eeuw een aantal staten in Weidum en in de omgeving. In 1898 is de laatste, Dekemastate, gesloopt.

Weidum bleef wel wat deftig en het was tot 1900 de hoofdplaats van de grietenij en later de gemeente. Weidum was met twee oude paden, die geleidelijk gevarieerd bebouwd zijn geraakt tot straten, verbonden met de Hegedyk, de dijk van de voormalige Middelzee. Ook aan de Hegedyk kwam bebouwing van woningen van meest het notabele type. Tussen de verbindingsstraten bleef een langwerpig kamp onbebouwd, een kenmerkende openheid van het dorp, temeer daar die in de oude kern even westelijker wordt voortgezet met het door gevarieerde huizen omzoomde weidse kaatsveld. Er staan veel brede notabele woningen met middengang, maar er zijn ook eenvoudige huizen te vinden. De oude kerk staat op de terprest als een historisch zetstuk in het verschiet. Aan de westelijke dorpsrand liggen twee monumentale boerderijen: Bumaleen en Papingastate.

Na de oorlog is het dorp aan de noordzijde nabij de Weidumervaart met vooral volkswoningbouw uitgebreid. Later is in het zuidwestelijke kwartier richting Hegedyk nieuwbouw gekomen. Ten noorden van het dorp bij de Wielstersyl is in 1893 de Coöperatieve Stoomzuivelfabriek De Takomst gesticht. Na sluiting kwam er een exportbedrijf van kaas.

De Johanneskerk wordt tot de fraaiste van de provincie gerekend. De slanke toren van tufsteen moet van omstreeks 1100 dateren. De kerk is in de romano-gotische stijl opgetrokken. De vensters hebben kraalprofielen en tussen de vensters bevinden zich nissen met sierpleisterwerk. In de muren zijn later grotere vensters gebroken en aan het einde van de 15de eeuw zijn de ingangspartijen vernieuwd: de noordelijke werd korfbogig, de zuidelijke werd gedekt door een spitsboog. Bij deze verbouwing zijn de oude stenen gewelven vervangen door een houten tongewelf. De gave inrichting dateert uit de tweede helft van de 17de eeuw.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © FrieslandWonderland