Let op!

Let op! Op dit moment wordt onderhoud aan deze website gepleegd. U kunt de site blijven gebruiken maar mogelijk zullen bepaalde pagina's tijdelijk niet of slechts gedeeltelijk beschikbaar zijn. Daarvoor vragen wij uw begrip.

Dorpen

Webshop

Er zijn meer dan vierhonderd dorpen in Friesland te vinden, van groot tot klein. Drachten is zondermeer de grootste. Leons wellicht het kleinste met haar kerk, woonhuis en boerderij. Allemaal hebben ze hun eigen interessante verhaal en ontstaansgeschiedenis. Hieronder zetten we dit voor u op een rij.

Om een bepaald dorp te vinden klikt u op de bijbehorende beginletter. Binnenkort voegen we meer zoekmogelijkheden toe aan deze pagina.

Kies de beginletter

Deel:


Dorpen


Sandfirden

Sandfirden is een klein terpdorp dat in de Middeleeuwen is ontstaan temidden van een merengebied in het zuidwesten van de grietenij. Op de vroegste kaart van de grietenij in de atlas van Schotanus uit 1716 staat de kerk van ‘Zandvoord’ met één huis aan Het Hop, een ronde uitloper van de Ringwiel. Ten westen van deze kom staat één, en verder op het schiereiland naar de Vlakke Brekken ligt nog een viertal boerderijen. Ten noorden van de Oudegaster Brekken ligt tussen een paar poelen de Sandvoorder Rijp die bij het dorp hoorden.

In de Tegenwoordige Staat van Friesland werd in 1788 gem

Schalsum

Schalsum ligt ten oosten van Franeker en vormde met Boer, Ried, Peins en Zweins de zogenoemde Franeker Vijfga: noordelijke dorpen van de kleine plattelandsgrietenij Franekeradeel. Het lijkt een streekdorp langs de rijweg naar Menaldumadeel, maar het is wel degelijk een terpdorp. Vanaf de bebouwingsstreek van huizen en boerderijen die vooral ten noorden van de rijweg ligt, loopt de Kerkstraat naar de terp. Daar staan ook nog een paar huisjes, maar de middelmatig hoge terp is vooral podium voor de kerk en haar kerkhof.

Voor aan de weg, op de hoek, staat de forse (voormalige) pastorie, een ecl

Scharl

Scharl is bijna niets, een dorpje van een paar huisjes en boerderijen rond een met flinke bomen omzoomd kerkhof waar geen kerk (meer) op staat maar een klokkenstoel. De klok is in 1597 gegoten door Hendrik Wegewaert uit Kampen.

Aan de zool van de keileemrug waarvan het Rode Klif tot op een hoogte van negen meter en met een lengte van 200 meter is opgestuwd, lijkt het alsof dit dorp in een groene vallei is neergevlijd. Deze vallei gaat na een betrekkelijk lage dijk over in de volstrekt lege en anderhalve meter diepe Zuiderpolder van Stavoren. Aan de zuidelijke oever van de Staverse Zuidermee

Scharnegoutum

Scharnegoutum is aan de oostelijke rand van de voormalige Middelzee een terpdorp waarvan het profiel duidelijk is te merken. Maar de terp ligt bezijden de doorgaande weg die naar de brug over de Zwette, de trekvaart tussen Sneek en Leeuwarden, loopt. De terpvoet is te herkennen aan de oplopende tuin van de klassieke pastorie. Er zijn terpvondsten uit de 4de en 7de eeuw. Tijdens de bedijking van de Middelzee is de terp opgenomen in het dijkcomplex.

Het dorp heeft geprofiteerd van de ligging aan de trekvaart en de rijweg tussen Leeuwarden en Sneek. Daar stonden aanvankelijk de huizen en werk

Scharsterbrug

Scharsterbrug is als kleine nederzetting in de 18de eeuw als uitbuurt van Ouwsterhaule en Ouwster-Nijega op de Scharren ontstaan op de kruising van een weg en een vaart. In de 18de eeuw werd voor de turfvaart de Scharster Rijn nieuw gegraven ter vervanging van een vaart die droog was gevallen. In de Scharren moest een (tol)brug komen voor de kruisende weg.

In de Tegenwoordige Staat van Friesland werd in 1788 bij Oldeouwer gemeld: ‘Johannes Assema, en die van Douma en Solkama deeden den reeds gemelden Nieuwen Rhyn graaven; en dewyl hier door eene nieuwe doorvaart wierd geopend, die veel be

Scherpenzeel

Scherpenzeel is een streekdorp dat in de Middeleeuwen aan de Padsloot is ontstaan. De eerste vermelding van het dorp is van 1245. Vanaf het zuiden, vanaf Spanga, liep de Padsloot in een boog door de westelijke hoek van Weststellingwerf om ook de dorpen Scherpenzeel, Munnekeburen en een deel van Oldelamer te ontsluiten. Naast de sloot liep een voetpad. Op de grietenijkaart in de atlas van Schotanus uit 1716 staat de bebouwing van het streekdorp bij deze sloot aangegeven, terwijl aan de even westelijker gelegen weg, de Grindweg die nu de voornaamste verkeersverbinding vormt, bijna nog geen bebou

Schettens

De terp Schettens bij de Marneslenk moet al heel vroeg bewoond zijn geweest. Vanouds bestond Schettens uit een paar huizen en boerderijen bij de kerk en verspreide bebouwing. Het dorp heeft nu een langgerekte structuur, als een streekdorp. De dubbele streek huizen die vanaf eind 19de eeuw is ontwikkeld, leidt met een flauwe bocht van de terp naar de ontsluitingsweg. Om de afgegraven kerkterp te beschermen is een flinke keermuur opgemetseld. Die terp is verder afgegraven, maar is nog goeddeels herkenbaar dankzij de fraai om de terp meanderende Witmarsumervaart.

De dubbele streek is sympathi

Schiermonnikoog

Het dorp Schiermonnikoog, ook wel Oosterburen genoemd, is een streekdorp op het eiland dat is genoemd naar de cisterciënzer monniken in hun grijze pijen, die vanuit klooster Klaarkamp een uithof op het eiland hadden gesticht. Na de verwoesting van een ouder dorp is Oosterburen in het midden van de 18de eeuw gesticht. In 1638 kreeg de familie Stachauer de hoge heerlijkheid van het eiland in bezit. Na wisseling van eigenaren confisceerde de Nederlandse Staat het eiland onmiddellijk na de oorlog.

In 1726 werd het recht-, raad- en posthuis gesticht, dat tot centrum van het nieuwe dorp zou uitg

Schraard

Schraard is een terpdorp nabij de vroegere Marneslenk en komt in 1270 voor het eerst in de bronnen voor als Scadawerth. Het dorp had goede verbindingen over water. De van noord naar zuid lopende Schraardervaart meandert om het dorp. De terp heeft een regelmatige, radiale structuur, maar de bebouwing kent die regelmaat niet. In Schraard is de kerk niet op de kruin van de twee meter hoge terp gebouwd, maar aan de zuidwestelijke rand. Zij kwam zo met het koor naar de kern van het dorp te staan.

De oudere bebouwing ligt vooral aan de oostelijke zijde van de terp, zowel aan de terpkant als aan

Sexbierum

Het terpdorp Sexbierum was ooit het dorp van de Liauckama’s. Hun state stond ten noorden van het dorp: het terrein en de fraaie stinspoort bestaan nog. Liauckamastate was een van de grootste staten van Friesland. In 1824 is het kasteel gesloopt waarna er in 1862 een grote kop-hals-rompboerderij van kleine gele steentjes op het terrein is gebouwd. Boven de slotgracht staat de machtige stinspoort. Zij is van 1604, maar kan in eerste aanleg ouder zijn: aan de onderzijde zitten kloostermoppen en daarboven kleine gele steen. De poort heeft overal gimmengaten, gaten voor duiven, want de adel hield

Sibrandabuorren

Het komdorp Sibrandabuorren ligt aan de oostelijke zijde van de voormalige Middelzee en is een van de dorpen in de Lege Geaen (of Legean), de lage landen, het lage zuidwestelijke gedeelte van de vroegere grietenij Rauwerderhem. De kom wordt gevormd door de iets van de doorgaande weg teruggerooide kerk en onmiddellijke omgeving. Ten zuiden van de kerk staat een klein buurtje met de oudste bebouwing die daar ook vrij geconcentreerd is. De ruimte voor de kerk, waar op de hoek ook het café gelegen is, kan net geen plein worden genoemd.

Het dorp heeft zich langs de doorgaande weg door de Legea

Sibrandahûs

Sijbrandahuis is een klein dorp, een relatief jonge nederzetting die in het bedijkte Friesland niet meer op een terp gebouwd hoefde te worden. Het dorp heeft geen kern, maar bestaat uit een kerkje in een boomzoom en verder weidse landen, oorspronkelijk ook aan de overzijde van de Ee, met hier en daar agrarische bebouwing.

De kloeke stelpboerderij Starkenborgh ten noordoosten van de kerk staat wel op een huisterp en daar is het allemaal begonnen. In de Middeleeuwen stond hier een sterk huis Sterkenburg dat in bezit was van de Tjaarda’s van het nabijgelegen Rinsumageest. Later is daar door

Siegerswoude

Siegerswoude is een oud, dunbevolkt streekdorp in het uiterste noordoosten van Opsterland, dat met de buurschap Voorwerk grenst aan Groningen. In de Middeleeuwen stond er een uithof van het klooster van Smalle Ee. Er liepen twee wegen van west naar oost. Aan de Tolweg naar het noorden is aan het einde van de 16de eeuw bij de grens een schans aangelegd. Aan de noordelijke Binnenweg stond verspreid enige bebouwing; aan de zuidelijke Buitenweg stond bijna niets, maar lag wel de kerk. Aan weerszijden van de streek lagen uitgestrekte venen.

Kort na het midden van de 17de eeuw werd vanaf Drachten

Sint Nicolaasga

Sint-Nicolaasga is een streekdorp dat langs de weg over een tamelijk hoge zandrug, onderdeel vormend van een reeks ‘gaasten’, in de Middeleeuwen is ontstaan. Op het vroegste kaartbeeld, in de atlas van Schotanus uit 1718, is nog weinig bebouwing aan de belangrijke west-oost gerichte weg te zien, maar des te meer aan de weg die naar het zuiden richting Lemmer loopt. Aan deze met bomen beplante laan staat aan de noordoostzijde een reeks woningen en boerderijen. Voorbij de kruising staat de kerk aan de Lijkweg. Ten noorden van het dorp liggen bouwlanden, ten zuiden hooilanden.

De Tegenwoor

Sintjohannesga

Sintjohannesga is een streekdorp van middeleeuwse oorsprong op een ontginningsas die van noordoost naar zuidwest loopt en waar Rotstergaast en Rohel eveneens deel van uitmaken. Op de vroegste kaart die Sintjohannesga in beeld brengt, de kaart in de Schotanusatlas van 1718, is het dorp een nogal dichtbebouwde streek van huizen en boerderijen ten noorden van de weg met enig bouwland en verder veenlanden. De kerk stond toen ten noorden en vrij ver van de streek.

In de Tegenwoordige Staat van Friesland werd in 1788 over het dorp gemeld: ‘dit Dorp is ten opzigte der stemmen, [..] het grootste

Skingen

Schingen is een terpdorp dat omstreeks het begin van de jaartelling is ontstaan. Misschien zelfs eerder, omdat er in de buurt vondsten uit de Romeinse tijd zijn gedaan, die aantonen dat het gebied toen al bewoond was. Voorheen hebben hier de staten Wobbema en Blaauwhuis gestaan. De state Stehouders lag flink zuidelijk van het dorp.

Schingen is klein gebleven en een karakteristiek agrarisch dorp. Het bestaat eigenlijk alleen uit de Buorren die in westelijke richting wordt voortgezet als Anemawei en in oostelijke richting als Slappeterpsterdyk. Er staat een vrij open en zeer gevarieerde bebou

Slappeterp

Slappeterp is een terpdorp dat mogelijk aan het begin van de jaartelling is ontstaan op een lange kwelderwal. Het behoort tot de reeks terpen die van Arkens bij Franeker over Schalsum, Peins, Tamterp, Slappeterp tot de Hoge Wier tussen Menaldum en Berlikum loopt. In de 13de eeuw komt het voor als ‘Slepelterp’ en in 1469 als ‘Slepperdorp’. Het is een agrarische nederzetting van door de eeuwen heen een stuk of zes/zeven boerderijen en wat arbeiderswoningen. In de 19de eeuw kwamen er enige gardeniers bij. Maar stinsen of staten stonden niet in de buurt. Het dorp stond met de Slappeterperv

Slijkenburg

Slijkenburg is een komdorp dat in 1585 op het dorpsgebied van Spanga is gesticht als verdedigingsschans voor Friesland aan de Linde. De schans zou in 1702 zijn geslecht om de vrijkomende aarde te benutten voor de aanleg van de nieuwe Statendijk tussen Schoterzijl en Slijkenburg. Dit om de hoek van de samenkomst van de Tsjonger (of Kuinder) en de Linde beter tegen overstromingen te beschermen. Eén van de oude, nu niet meer bestaande huizen van Slijkenburg droeg het jaartal 1587. Het bewijs dat in de schans spoedig huizen zijn gebouwd. Van de grietenijkaart in de atlas van Schotanus uit 1716 is

Smalle Ee

Smalle Ee is een klein streekdorp, dat niet zijn roemruchte verleden verraadt. De oorsprong heeft het te danken aan een benedictijner kloosterstichting die al vóór 1250 heeft plaatsgevonden. Het ‘Onser Lyewe Vrouwen Smelgeraconvent’ was een dubbelklooster, er woonden en werkten mannen en vrouwen. Na 1400 is het nog steeds van de benedictijner orde maar dan is het uitsluitend een vrouwenklooster.

In de 15de eeuw sluit het zich aan bij een hervormingsbeweging. De kloosterlingen zullen zich met de zielzorg van de dunbevolkte omgeving hebben beziggehouden. De plek was gekozen omdat er ee

Smallebrugge

Smallebrugge is een klein agrarisch streekdorp dat waarschijnlijk in de late Middeleeuwen met Woudsend en Ypecolsga ontstaan is in de uiterste zuidelijke hoek van Wymbritseradiel. Het grensde aan de oostzijde onmiddellijk aan Doniawerstal. Bij de gemeentelijke herindeling kwam in 1984 een flink gebied ten westen van het Koevordermeer bij Wymbritseradiel. Hierdoor heeft Smallebrugge, over een smalle weg naar de in 1848 aangelegde rijksweg Sneek-Lemmer ontsloten, nu aan de boerenstreek Koufurderrige een buurdorp in eigen gemeente gekregen.

Uit de grietenijkaart in de atlas van Schotanus uit

0 | 1 |