Alles over Spannum
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Spannum

Historie van Spannum

Het terpdorp Spannum ligt in de groene greidestreek. Het lijkt vooral een wegdorp met een verdichting rond de kerk nabij de kruisende Spannumer Opvaart. Maar Spannum is een echt terpdorp met al een oude geschiedenis getuige de terpvondsten van onder meer een Merovingische bronzen armband.

In vroegere eeuwen was het alleen maar over de vaarten of door het land bereikbaar. Pas in de gevorderde 19de eeuw kwam er een verbindingsweg en daaraan kwam daarna de nieuwbouw tot stand en kreeg het dorp dat langgerekte karakter. Aan die weg staan betrekkelijk veel grote en kleine karakteristieke dorpswoningen. De erfgrenzen vertonen daar een gevarieerde collectie heggen en hekken.

Na 1332 was hier een uithof van het grote Klooster Lidlum bij Oosterbierum en van 1878 tot 1905 op initiatief van de predikant een meisjesschool met internaat, als een modern klooster. De school is daarna gesloopt, de woning tot burgemeesterswoning verbouwd.

De oude, smalle kerk is sterk vernieuwd; alleen de noordmuur laat nog oud baksteenmateriaal uit de gotische tijd zien. Aan die zijde staan twee forse driehoekige beren en is in 1910 een charmant paviljoentje voor de centrale verwarming tegen de kerk gebouwd. Het is de huisvesting van de centrale verwarming. De forse laat-gotische toren, even minder breed dan de kerk en drie geledingen hoog, is versierd met diepe nissen van gevarieerde vorm die het bouwwerk grote plasticiteit verlenen. Hij wordt bekroond door een zadeldak en geldt als een van de fraaiste zadeldaktorens van Friesland. Inwendig bezit de kerk aardig meubilair.

De Spannumer Opvaart is de enige behoorlijke ontsluiting van het dorp tot ver in de 19de eeuw en loopt bijna recht van noord naar zuid met het dorp in het midden. Aan de zuidzijde mondt de vaart uit in de Bolswardervaart en aan de noordzijde komt zij via een klein stukje Oudemeer uit in de Franekervaart. Er was dus verbinding met de drukste vaarwaters van noordwest Friesland.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © Peter Karstkarel