Alles over Zandhuizen
FrieslandWonderland Fries Nederlands

Alles over Zandhuizen

Historie van Zandhuizen

Zandhuizen is een jong heidedorp. Zo jong en aanvankelijk onbeduidend dat het in de oudere bronnen niet voorkomt. Het was in elk geval een buurt met een es ten zuiden van de Zandhuizerweg, iets ten oosten van het midden was de hoge kamp land die de esfunctie voor de omwonenden vervulde.

In een oorkonde uit 1422 die verband houdt met het grote Klaarkampster klooster bij Rinsumageest is sprake van een Douwe Onnema die hofmeester in Sandhuse is. Mogelijk ligt de oorsprong van het dorp in een uithof voor de hoogveenwinning van dit klooster.

In de Tegenwoordige Staat van Friesland werd de buurschap bij Noordwolde vermeld, maar ook niet meer dan: ‘vry verre ten Noordoosten op de Heide [ligt] de buurt Zandhuizen.’ Alleen in het Aardrijkskundig Woordenboek van Van der Aa uit het midden van de 19de eeuw komt het zelfstandig voor als gehucht. Toch is het als buurschap al redelijk op leeftijd, want op de grietenijkaart van Weststellingwerf in de atlas van Schotanus uit 1716 staat de nederzetting met door bomen omzoomde lanen getekend temidden van de verder lege heide ten noorden van Noordwolde. De stippellijnen waarmee Schotanus de dorpsgrenzen aangaf vervagen in de buurt van Zandhuizen, alsof het een autonome enclave zou zijn.

De bebouwing van een dertiental boerderijen is in de loop der tijd iets afgenomen, want op de kaart in de atlas van Eekhoff uit 1850 blijken er nog geen tien meer te staan. Wel is aan de westzijde een nieuwe weg naar Oldeberkoop met een brug over de Linde gekomen en bij de driesprong is ook een gebouw getekend, op de plaats waar nu een café staat. Aan deze nieuwe Oldeberkoperweg en vooral bij de driesprong kwam geleidelijk wat meer bebouwing. Op het westelijk gelegen heidegebied heeft de ‘Stichting tot verbetering van de Volkshuisvesting in de gemeente Weststellingwerf’ haar meest opmerkelijke volkswoningencomplex gerealiseerd, ‘Het Rode Dorp’ waar in 1920 en 1922 een tweeëntwintigtal woningen met aangekapte schuren op kampjes land van een halve hectare tot stand kwam.

Tekst: © NoordBoek - Peter Karstkarel • Foto: © Hendrik van Kampen