West-Terschelling West-Terschelling is een komdorp dat in de 13de eeuw is ontstaan op de plek waar later de vuurtoren Brandaris werd gebouwd. Het is sinds lange tijd het hoofddorp van het eiland, al hadden de vroegst bekende machthebbers, de Popma’s, hun stins helemaal aan de andere zijde van het eiland gebouwd. Het dorp ontwikkelde zich voorspoedig door visserij, scheepvaart en loodswezen, mogelijk dankzij de gunstige ligging aan een natuurlijke baai en het economisch sterke achterland. Terschelling kwam dan ook onder Hollandse invloed te staan. In 1666 is het welvarende dorp door de Engelsen platgebrand. De wederopbouw volgde in de jaren 1666/’73. Er werd tussen het Seinpaalduin en de baai een dichtbebouwde dorpskom aan een fijn net van straten en stegen gevormd. Deze ovale dorpskom is tot en met de 19de en vroege 20ste eeuw volgebouwd. Aan de Burgemeester Eschauzierstraat is in 1909 en 1915 een maatschappelijk belangrijk en architectonisch schilderachtig complex van enkele tientallen sociale woningen gebouwd. Het hoogtepunt van West-Terschelling, de Brandaris, is zo precies in het brandpunt van het dorp terechtgekomen. Deze forse en hoge toren heeft de brand doorstaan. De eerste vuurbaak is al in 1323 op Terschelling gebouwd. In 1593/’94 is de grote toren in opdracht van de Staten van Holland gebouwd. Volksetymologie heeft de toren waarschijnlijk zijn naam bezorgd. Er is geen bewijs dat de legendarische Ierse reizende monnik Sint- Brandaan er iets mee heeft te maken. De toren is in 1834/’35 ingrijpend verbouwd en ommetseld en heeft een lichthuis met koepel en draailicht gekregen. Achter de toren ligt een kleine begraafplaats met een aantal schippersgraven. Tijdens de laatste wereldoorlog heeft de Duitse bezetter op het Seinpaalduin reeksen bunkers gebouwd, de Marineflankbatterie Terschelling- West. Ze zijn deels gesloopt, deels ondergestoven en voor een deel spoedig na de oorlog verbouwd tot vakantiewoningen. Na deze oorlog is het dorp in noordelijke en noordoostelijke richting uitgebreid. Het gemeentebestuur van Terschelling was in het dichte weefsel van het dorp lang bedroevend gehuisvest. Nadat er voor de oorlog al plannen voor een nieuw gemeentehuis waren gemaakt, kon het in 1954 door architect G.A. Heldoorn uit Leeuwarden aan de oostflank van het dorp ontworpen gebouw pas worden gerealiseerd. Een gemeentehuis op een mooie plek in een dennenbosje aan de oostflank van het dorp. Er werd gebruik gemaakt van het geaccidenteerde terrein door een winkelhaakvormige split-level structuur te ontwerpen, die in de op de ambachtelijke bouwtraditie gestoelde stijl van de Delftse School vorm kreeg. Binnen afzienbare tijd zal in de nabijheid een nieuw gemeentehuis worden gebouwd. De wederopbouw in de tweede helft van de 17de eeuw heeft een reeks typisch eilander woningen opgeleverd. Daarvan is een aantal gaaf de eeuwen doorgekomen. Ze worden met hun sierlijke trap- of topgevels voorzien van rode accenten in het gele muurwerk, vlechtingen, friezen en metselmozaïek rond de vensters gewoonlijk commandeurswoningen genoemd. Soms hebben deze en andere woningen voor de eilanden en iets minder voor de kuststreek van het vaste land kenmerkende natuurstenen stoeppalen uit het einde van de 16de en het begin van de 17de eeuw. Met rolwerk en Vlaamse wortels bezitten ze de rijpe renaissance vormgeving die de beeldhouwateliers van de vaste wal beheersten. Ook deze stoeppalen hebben de brand overleefd. De hervormde kerk in de Westerbuurstraat is een eenvoudige zaalkerk met een rechte koorsluiting en een dakruiter. Zij is in 1663 gebouwd en kwam goeddeels onbeschadigd uit de brand van een paar jaar later. Het gebouw is omstreeks 1900 gepleisterd en in de jaren dertig helemaal ommetseld. Ook de doopsgezinde kerk uit 1850 is een eenvoudige zaalkerk. Zij heeft twee gebrandschilderde ramen in vernieuwingsstijl. Nabij de haven heeft het toeristenbedrijf definitief andere activiteiten van scheepvaart en visserij verdrongen. Omstreeks 1875 is een havengebouw gesticht met neoclassicistische elementen en ook de schippersvereniging ‘Het Wakend Oog’ bouwde er in een mengstijl met neorenaissance aspecten een karakteristiek (voormalig) wachtlokaal. Het reddingsboothuis uit 1904 is in een levendige chaletstijl gebouwd nabij de opslag van de kleurige zeebakens. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenOosterend Oosterend is een agrarisch streekdorp dat in de Middeleeuwen is ontstaan op een duinvoet en op de rand van de zuidelijk gelegen polders. Het is lang beschouwd als een buurschap bij het westelijk gelegen Hoorn waar het voor de voorzieningen ook op was gericht. Oosterend heeft nooit een kerk gehad en evenmin andere bijzondere functies, zoals een school, gehuisvest. Wel was in de 14de eeuw nabij dit dorp op een stinswier de Popmastins gebouwd. Het gebouw is in de 16de eeuw al weer gesloopt, maar de stinswier ligt nog steeds ten zuiden van het dorp in de landerijen. Het streekdorp bestaat uit verspreide bebouwing van boerderijen en woningen langs enkele wegen en paden waarvan de Hoofdweg pas laat werd verhard. Ten oosten van het dorp staat aan deze weg nabij de Dwarsdijk een gedenksteen die vertelt dat de verharding van de weg in de volle lengte van het bewoonde deel van het eiland in 1910 is voltooid. De steen bevat ornamenten in de vernieuwingsstijl, ontworpen door J.M. Krijger. Aan de westelijke entree van het dorp staat een vrij jonge – begin 20ste-eeuwse – boerderij van het slak-type met een vriendelijk oranjerood pannendak. Ten noorden van de Hoofdweg staat op nummer 21 een kop-rompboerderij waarvan de jaarankers vertellen dat hij in 1879 is gebouwd. De hoge schuur bezit aan de zijkant een karakteristiek ‘schúntsje’, een houten uitbouw met een zadelkapje. Langs deze boerderij leidt de Lykwei naar de oude weg vlak onder de duinvoet. Op de hoek staat in de lengte van de duinweg een buiten bedrijf gestelde stelpboerderij. De voorgevel vertoont een gave indeling en uit het rechter schuurdak steekt een schúntsje. Ook aan de achterzijde is het een interessante boerderij. Naast de ‘millem’- deur staat een opmerkelijke aangebouwde schoorsteen, die met een zeemansterm het kombuis wordt genoemd. De boerderij nummer 31 uit 1978 heeft een schúntsje. Op de Boschplaat ligt bij de Stuifdijk een bunker die een restant is van de in 1943 door de Duitse bezetter aangelegde ‘Marineflankbatterie Terschelling Ost’. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenMidsland Midsland is een streekdorp dat is ontstaan op een oude strandwal. Ten zuiden van het huidige dorp werd aan de Hoofdstraat in de 10de eeuw al een houten kerkje van Stryp gesticht, dat later in steen is vervangen. Maar ook noordelijker, op de huidige plaats van de kerk, is in de 14de of 15de eeuw een kerk gesticht. In de omgeving van het dorp ontstonden nog andere buurschappen: Baaiduinen, Kinnum, Kaart en meer westelijk Hee. Rondom de kerk van Midsland heeft, in tegenstelling tot de andere Terschellinger dorpen, komvorming met een vrij dichte bebouwing plaatsgevonden. Over een slenk werd de Westerdam aangelegd waardoor Stryp aan Midsland vast kon groeien. De Stryper kerk werd in 1569 verwoest, maar het kerkhof is tot het einde van de 19de eeuw in gebruik gebleven. De grafheuvel die meters boven de omgeving uitrijst, raakte in verval. Er staan de voor de eilanden en de kuststreek kenmerkende natuurstenen grafpalen uit het einde van de 16de en het begin van de 17de eeuw die met rolwerk en Vlaamse wortels de rijpe renaissance vormgeving bezitten die de beeldhouwateliers van de vaste wal zo goed beheersten. Het Stryper kerkhof is opgeknapt en nu zijn nog zo’n twintig van deze grafpalen te bewonderen. Nadat de oude kerk van Midsland in 1880 werd afgebroken, is het jaar daarna een kruiskerk in decoratieve mengstijl naar ontwerp van M. Daalder uit Den Helder gebouwd. Op de zuidbeuk kwam een forse lantaarn met een achtzijdige spits. De niet al te degelijk gebouwde kerk is verschillende malen hersteld en op details gewijzigd. Inwendig heeft zij een gestukadoord kruisgewelf, twee galerijen en een orgelbalkon met een orgel uit de bouwtijd. Aan de Heereweg staat het voormalige diaconiehuis uit omstreeks 1880. Aan de Oosterburen staat het van neoclassicistische elementen voorziene Polderhuis (1872) waar de bestuurders van de ingepolderde landerijen (grieën) bijeenkwamen om hun belangen te bespreken. In het dorp zijn verschillende 17deeeuwse woningen met tuitgevels met vlechtingen te vinden. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenLies Hoorn is een streekdorp dat in de Middeleeuwen is ontstaan op een oude strandwal. Op dezelfde wal ontwikkelde zich de agrarische streek Lies. De Dorpsstraat raakte aanvankelijk vooral aan de zijde van de polder, de zuidzijde bebouwd. Vanaf het einde van de 19de eeuw kwam ook aan de overzijde bebouwing. Ten noorden van de streek staat de dorpskerk, verreweg het oudste gebouw van het eiland. Het aan Sint-Johannes gewijde romaanse kerkje zal in het laatste kwart van de 12de eeuw tot stand zijn gekomen. Zij is in de volgende eeuwen herhaaldelijk vergroot en veranderd. Omstreeks 1270 kwam het koor tot stand en enkele tientallen jaren later werd ook het schip vernieuwd. Daarvan is de noordmuur vrij gaaf de eeuwen doorgekomen. Het schip kreeg koepelgewelven die in het begin van de 15de eeuw weer zijn verwijderd. Aan het begin van de 16de eeuw zijn in de zuidgevel gotische vensters aangebracht en kwam er een fraai omkaderde ingangspartij in dezelfde stijl. Omstreeks 1330 werd een hoge toren voor de kerk gebouwd die ook diende als baken voor de scheepvaart. In 1848 is de bouwvallig geworden toren ongeveer gehalveerd en voorzien van een tentdakje. In 1875 werd het kapje vervangen door een ingesnoerde naaldspits. De kerk werd in 1903 uitwendig bepleisterd, maar bij de grondige restauratie van 1963/’69 is de pleisterlaag weer verwijderd. De wanden aan de binnenzijde zijn eveneens als schoon werk behandeld. De kerk is door allerlei sporen een boeiend verhaal in steen. Het interieur bevat fraai meubilair, waartussen vooral de beschilderde en van spreuken voorziene avondmaalstafel uit het begin van de 17de eeuw opvalt. Aan de Dorpsstraat staat de in 1907 gebouwde kloeke pastorie. Ernaast staat een boerderij met voorhuis en vrij lage schuur die aan de zijkant dan ook van een ‘schúntsje’ is voorzien. Hoorn kent nog een aantal boerderijen uit het laatste kwart van de 19de eeuw. Lies heeft nog enkele karakteristieke eilander boerderijen zoals nummer 42 uit 1721 en nummer 13 uit 1738. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenLanderum Formerum is een agrarisch streekdorp dat zich op een strandwal tussen Midsland en Hoorn in de 17de eeuw heeft ontwikkeld. Het bestaat uit verspreide bebouwing van boerderijen en woningen. Ten westen is aan de zijde van Midsland op eenzelfde wijze de buurschap Landerum ontstaan. In het dorp, zelf lang beschouwd als een buurschap, heeft nooit een kerk gestaan. Het dorpsgezicht wordt gedomineerd door een korenmolen. De molen was in 1838 op de Dellewal in West gebouwd maar is in 1876 naar Formerum overgebracht. De bedrijfswaardige molen heeft allang een horecabestemming. Het is een achtkante houten stellingmolen, gedekt met riet, en op een gepotdekselde houten onderbouw. Het wiekenkruis heeft een vlucht van twintig meter. In Formerum en omgeving is een aantal boerderijen van het eilander type te vinden. De meeste zijn niet helemaal gaaf meer, maar de oorspronkelijke indeling is meestal nog wel af te leiden. Het heel eigen type van de Terschellinger boerderij is een variant op de langhuisboerderij. Met het woongedeelte en de schuur met stallen en hooivakken onder een doorlopende, ongedeelde kap. Het woongedeelte, het ‘foarein’, bestond oorspronkelijk uit een voorkamer en een binnenkamer met bedsteden. Daarachter volgde de schuur met stalruimte die aan de zijkant voor de dwarsreed is geopend met een houten uitbouw, een zogenoemd ‘schúntsje’ waar de hooiwagens door konden. Een van de best bewaarde boerderijen van dit type is in Formerum Zuid het ‘Spylske Huus’ uit 1759, zo genoemd omdat de naald van het dak door verzakkingen wat bochten vertoont. Het voorhuis heeft een topgevel versierd met vlechtingen en siermetselwerk. De boerderij is allang niet meer als boerenbedrijf in gebruik en inwendig is voor de woonfunctie veel aangepast. De ligging, de sterke hoofdvorm en de fijne detaillering maken deze gerestaureerde boerderij tot een getuigenis van het agrarische verleden van de polders van het eiland. Aan het Zuid van Formerum en in Landerum staan meer vrij gave 19de-eeuwse boerderijen, waarvan enkele voor de recreatie zijn ingericht. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenHoorn Hoorn is een streekdorp dat in de Middeleeuwen is ontstaan op een oude strandwal. Op dezelfde wal ontwikkelde zich de agrarische streek Lies. De Dorpsstraat raakte aanvankelijk vooral aan de zijde van de polder, de zuidzijde bebouwd. Vanaf het einde van de 19de eeuw kwam ook aan de overzijde bebouwing. Ten noorden van de streek staat de dorpskerk, verreweg het oudste gebouw van het eiland. Het aan Sint-Johannes gewijde romaanse kerkje zal in het laatste kwart van de 12de eeuw tot stand zijn gekomen. Zij is in de volgende eeuwen herhaaldelijk vergroot en veranderd. Omstreeks 1270 kwam het koor tot stand en enkele tientallen jaren later werd ook het schip vernieuwd. Daarvan is de noordmuur vrij gaaf de eeuwen doorgekomen. Het schip kreeg koepelgewelven die in het begin van de 15de eeuw weer zijn verwijderd. Aan het begin van de 16de eeuw zijn in de zuidgevel gotische vensters aangebracht en kwam er een fraai omkaderde ingangspartij in dezelfde stijl. Omstreeks 1330 werd een hoge toren voor de kerk gebouwd die ook diende als baken voor de scheepvaart. In 1848 is de bouwvallig geworden toren ongeveer gehalveerd en voorzien van een tentdakje. In 1875 werd het kapje vervangen door een ingesnoerde naaldspits. De kerk werd in 1903 uitwendig bepleisterd, maar bij de grondige restauratie van 1963/’69 is de pleisterlaag weer verwijderd. De wanden aan de binnenzijde zijn eveneens als schoon werk behandeld. De kerk is door allerlei sporen een boeiend verhaal in steen. Het interieur bevat fraai meubilair, waartussen vooral de beschilderde en van spreuken voorziene avondmaalstafel uit het begin van de 17de eeuw opvalt. Aan de Dorpsstraat staat de in 1907 gebouwde kloeke pastorie. Ernaast staat een boerderij met voorhuis en vrij lage schuur die aan de zijkant dan ook van een ‘schúntsje’ is voorzien. Hoorn kent nog een aantal boerderijen uit het laatste kwart van de 19de eeuw. Lies heeft nog enkele karakteristieke eilander boerderijen zoals nummer 42 uit 1721 en nummer 13 uit 1738. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenFormerum Formerum is een agrarisch streekdorp dat zich op een strandwal tussen Midsland en Hoorn in de 17de eeuw heeft ontwikkeld. Het bestaat uit verspreide bebouwing van boerderijen en woningen. Ten westen is aan de zijde van Midsland op eenzelfde wijze de buurschap Landerum ontstaan. In het dorp, zelf lang beschouwd als een buurschap, heeft nooit een kerk gestaan. Het dorpsgezicht wordt gedomineerd door een korenmolen. De molen was in 1838 op de Dellewal in West gebouwd maar is in 1876 naar Formerum overgebracht. De bedrijfswaardige molen heeft allang een horecabestemming. Het is een achtkante houten stellingmolen, gedekt met riet, en op een gepotdekselde houten onderbouw. Het wiekenkruis heeft een vlucht van twintig meter. In Formerum en omgeving is een aantal boerderijen van het eilander type te vinden. De meeste zijn niet helemaal gaaf meer, maar de oorspronkelijke indeling is meestal nog wel af te leiden. Het heel eigen type van de Terschellinger boerderij is een variant op de langhuisboerderij. Met het woongedeelte en de schuur met stallen en hooivakken onder een doorlopende, ongedeelde kap. Het woongedeelte, het ‘foarein’, bestond oorspronkelijk uit een voorkamer en een binnenkamer met bedsteden. Daarachter volgde de schuur met stalruimte die aan de zijkant voor de dwarsreed is geopend met een houten uitbouw, een zogenoemd ‘schúntsje’ waar de hooiwagens door konden. Een van de best bewaarde boerderijen van dit type is in Formerum Zuid het ‘Spylske Huus’ uit 1759, zo genoemd omdat de naald van het dak door verzakkingen wat bochten vertoont. Het voorhuis heeft een topgevel versierd met vlechtingen en siermetselwerk. De boerderij is allang niet meer als boerenbedrijf in gebruik en inwendig is voor de woonfunctie veel aangepast. De ligging, de sterke hoofdvorm en de fijne detaillering maken deze gerestaureerde boerderij tot een getuigenis van het agrarische verleden van de polders van het eiland. Aan het Zuid van Formerum en in Landerum staan meer vrij gave 19de-eeuwse boerderijen, waarvan enkele voor de recreatie zijn ingericht. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenOost-Vlieland Oost-Vlieland is na de ondergang van het oorspronkelijk grotere West-Vlieland in het midden van de 18de eeuw het enige dorp van het eiland. Het is een streekdorp dat in de 12de eeuw is ontstaan. De brede, door flink geboomte omzoomde en ongeveer een kilometer lange Dorpsstraat heeft aan weerszijden gesloten bebouwing die slechts door stegen en gloppen, wordt onderbroken. De meeste bebouwing kent slechts één volledige bouwlaag en vertoont veel variatie, zowel in functie en architectonische uitdossing als in de leeftijd van de gebouwen: van de 17de tot de 20ste eeuw. Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog woonden nog geen 500 mensen op het eiland en in de periode daarvoor is weinig gebouwd. Vanaf de tweede helft van de jaren vijftig zijn ten noorden van het oude dorpslint lange rijen sociale woningen aan onder meer de Nieuwstraat en Middenweg gebouwd en ook daarna breidde het dorp zich nog uit, meest in noordoostelijke richting van het bos tot en met de recente uitbreiding aan het Vorkduin. De hervormde kerk is in 1605 van gele steentjes gebouwd ter vervanging van een oude kapel. In 1647 zijn er dwarspanden toegevoegd, waardoor het een kruiskerk werd. Het interieur bezit bijzonder meubilair. De kerk vormt met kerkhof en aan de andere zijde het diaconiehuis een schilderachtig ensemble. Het diaconiehuis uit 1641 is een lang pand met opvallend hoge kap met een smal uitgemetseld middendeel. Het heeft bijzondere interieuronderdelen. Op de hoek van het kerkplein staat het voormalige raadhuis met een merkwaardig klokkentorentje. De oorsprong is al van 1598, maar het is in 1855 herbouwd. Ertegenover kwam in 1998 het nieuwe raadhuis tot stand. Helemaal aan de andere zijde van het dorp staat vlakbij de haven het in 1877 naar ontwerp van C.H. Peters gebouwde voormalige postkantoor. Middenin de Dorpsstraat vraagt een breed, gepleisterd pand met een onregelmatige indeling de aandacht. Dit Tromphuis is thans museum en heeft in het verleden onder meer als onderkomen van de Admiraliteit van Amsterdam en het Noorderkwartier dienst gedaan. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenBakhuizen Bakhuizen is een komdorp aan de voet van een keileemrug die even ten oosten van het dorp tot meer dan 11 meter hoog is. Bakhuizen is omstreeks 1200 ontstaan als buurt die oorspronkelijk bij het zuidoostelijk gelegen Mirns behoorde. Na de Hervorming bleef het een katholieke enclave en maakte zich in de loop van de 18de eeuw los van Mirns. Het was aanvankelijk een streekdorp langs doorgaande wegen als de Sint-Odulphusstraat en de Teeuwis de Boerstraat. Maar het is sinds het midden van de 19de eeuw in zuidelijke richting uitgebreid tot komdorp met vrij losse bebouwing en een open kern, waar ook het kerkhof ligt. Er heeft met nieuwbouw verdichting plaatsgevonden. Langs de genoemde straten staat een aantal fraaie middengangswoningen uit het einde van de 19de eeuw maar ook burgerhuizen uit de tussenoorlogse jaren. In de Sint- Odulphusstraat staan een aardig café en een winkel. Na de oorlog zijn met traditionalistische volkshuisvesting de ruimten in de wanden van de Teeuwis de Boerstraat gesloten en onlangs kwam daar een passende brandweerpost bij, waardoor deze belangrijke straat een evenwichtig beeld oplevert. Spoedig hierna kreeg de dorpsentree vanuit het oosten gestalte met bebouwing aan de Rysterdyk. Ten noorden van de kerk werden even later de bebouwingswanden om het Plantsoen gevormd. Er is ten zuiden van de Bakwei een heel nieuw wijkje ontstaan. In het noordwesten staat de rooms-katholieke Sint-Odulphuskerk, gebouwd in 1913/’14 naar ontwerp van architect Wolter te Riele ter vervanging van een kerkje uit 1857. De kerk is een pseudobasiliek in neogotische stijl met een driezijdig gesloten koor en een toren met een ingesnoerde spits. Het schip heeft netgewelven, de zijbeuken kruisgewelven. Het meubilair is afkomstig uit het atelier van F.W. Mengelberg. Het orgel is van de gebroeders Adema. De gebrandschilderde ramen zijn in 1914 vervaardigd door F. Nicolas en de muur- en gewelfschilderingen (1935/’41) zijn van Johannes Ydema. In de Nagelhoutstraat is in 1938 het vrouwenklooster Mariahof gebouwd. In 1987 werd het verbouwd tot 19 appartementen. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van KampenPresentatietekening Prinsentuin, Tournooiveld en Oldehoofsterdwinger -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandSchetskaartje van het gebied ten zuiden van IJlst -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van het terrein langs de Zuiderzeekust van het waterschap De Zeven Grietenyen en de stad Sloten (blad II) -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandSchetskaartje van de dijkdoorbraak van 1701 bij de voormalige Teroelster Kolk -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van Harlingen (gered bij een brand in 1732) Plattegrond van Harlingen met de limietscheiding van Almenum daarop aangegeven. N.B. J. van Leeuwen vermeldt in een notitie hierbij dat deze kaart heeft gediend als bewijsstuk in een proces tussen de stad en de grietenij Barradeel. De kaart bevond zich in 1732 in het slot der Van Harens te St. Annaparochie waaruit deze tijdens de brand is gered.Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandVerzamelkaart van de kadastrale gemeente Ferwerd -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKadastrale minuut van Bolsward -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandSchets der wegen in de Grietenij Westdongeradeel -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKadasterkaart van Makkum -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van het gebied ten noorden en noordoosten van Beetsterzwaag -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandSchets van de te vormen gemeente Heerenveen -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland(Ontwerp-)tekening van de voortuin van bij Osingastate te Langweer -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKadastrale gemeenten Heerenveen, Knijpe en Mildam Kaart van Oranjewoud, Mildam en Oudeschoot, met daarop aangegeven de ligging van de scholen, de plaats van de nieuw te bouwen school te Oranjewoud en de grens van het gebied waarbinnen de leerlingen naar de scholen in genoemde plaatsen gaan.Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van Schiermonnikoog met daarop aangegeven het tracé van een aan te leggen zeedijk -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandTekening van de haven van Stavoren met uit te voeren werkzaamheden -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van het Friessche Doolhoff, Molkwerum -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van het Waterschap Klein Stroobos -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van Veenkring A ten zuiden van het Tjeukemeer -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van Waterschap Thialfweg in Aengwirden -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van het terrein langs de Zuiderzeekust van het waterschap De Zeven Grietenyen en de stad Sloten (blad I) -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandOntwerp-kaart van de Nieuwebildtdijk -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van de Groote en provinciale Communicatien met dedaar op zich bevindende Bruggen tollen etc. -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandProject voor de verhooging en verzwaring van de zeedijk ten westen van de Lemmer -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandKaart van de Friesche Wadden volgens de opnemingen van 1879 door de Maatschappij tot Landaanwinning -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderlandWestergeest -Lees meerTekst: © Foto: © Bauke FolkertsmaWestergeest -Lees meerTekst: © Foto: © Bauke FolkertsmaWestergeest -Lees meerTekst: © Foto: © Bauke FolkertsmaWestergeest -Lees meerTekst: © Foto: © Bauke FolkertsmaWestergeest -Lees meerTekst: © Foto: © Bauke FolkertsmaWestergeest -Lees meerTekst: © Foto: © Bauke FolkertsmaWestergeest -Lees meerTekst: © Foto: © Bauke Folkertsma0 | 1 | 2 | 3 | 4 | 5 | 6 | 7 | 8 | 9 | 10 | 11 | 12 | 13 | 14 | 15 | 16 | 17 | 18 | 19 | 20 | 21 | 22 | 23 | 24 | 25 | 26 | 27 | 28 | 29 | 30 | 31 | 32 | 33 | 34 | 35 | 36 | 37 | 38 | 39 | 40 | 41 | 42 | 43 | 44 | 45 | 46 | 47 | 48 | 49 | 50 | 51 | 52 | 53 | 54 | 55 | 56 | 57 | 58 | 59 | 60 | 61 | 62 | 63 | 64 | 65 | 66 | 67 | 68 | 69 | 70 | 71 | 72 | 73 | 74 | 75 | 76 | 77 | 78 | 79 | 80 | 81 | 82 | 83 | 84 | 85 | 86 | 87 | 88 | 89 | 90 | 91 | 92 | 93 | 94 | 95 | 96 | 97 | 98 | 99 | 100 | 101 | 102 | 103 | 104 | 105 | 106 | 107 | 108 | 109 | 110 | 111 | 112 | 113 | 114 | 115 | 116 | 117 | 118 | 119 | 120 | 121 | 122 | 123 | 124 | 125 | 126 | 127 | 128 | 129 | 130 | 131 | 132 | 133 | 134 | 135 | 136 | 137 | 138 | 139 | 140 | 141 | 142 | 143 | 144 | 145 | 146 | 147 | 148 | 149 | 150 | 151 | 152 | 153 | 154 | 155 | 156 | 157 | 158 | 159 | 160 | 161 | 162 | 163 | 164 | 165 | 166 | 167 | 168 | 169 | 170 | 171 | 172 | 173 | 174 | 175 | 176 | 177 | 178 | 179 | 180 | 181 | 182 | 183 | 184 | 185 | 186 | 187 | 188 | 189 | 190 | 191 | 192 | 193 | 194 | 195 | 196 | 197 | 198 | 199 | 200 | 201 | 202 | 203 | 204 | 205 | 206 | 207 | 208 | 209 | 210 | 211 | 212 | 213 | 214 | 215 | 216 | 217 | 218 | 219 | 220 | 221 | 222 | 223 | 224 | 225 | 226 | 227 | 228 | 229 | 230 | 231 | 232 | 233 | 234 | 235 | 236 | 237 | 238 | 239 | 240 | 241 | 242 | 243 | 244 | 245 | 246 | 247 | 248 | 249 | 250 | 251 | 252 | 253 | 254 | 255 | 256 | 257 | 258 | 259 | 260 | 261 | 262 | 263 | 264 | 265 | 266 | 267 | 268 | 269 | 270 | 271 | 272 | 273 | 274 | 275 | 276 | 277 | 278 | 279 | 280 | 281 | 282 | 283 | 284 | 285 | 286 | 287 | 288 | 289 | 290 | 291 | 292 | 293 | 294 | 295 | 296 | 297 | 298 |
West-Terschelling West-Terschelling is een komdorp dat in de 13de eeuw is ontstaan op de plek waar later de vuurtoren Brandaris werd gebouwd. Het is sinds lange tijd het hoofddorp van het eiland, al hadden de vroegst bekende machthebbers, de Popma’s, hun stins helemaal aan de andere zijde van het eiland gebouwd. Het dorp ontwikkelde zich voorspoedig door visserij, scheepvaart en loodswezen, mogelijk dankzij de gunstige ligging aan een natuurlijke baai en het economisch sterke achterland. Terschelling kwam dan ook onder Hollandse invloed te staan. In 1666 is het welvarende dorp door de Engelsen platgebrand. De wederopbouw volgde in de jaren 1666/’73. Er werd tussen het Seinpaalduin en de baai een dichtbebouwde dorpskom aan een fijn net van straten en stegen gevormd. Deze ovale dorpskom is tot en met de 19de en vroege 20ste eeuw volgebouwd. Aan de Burgemeester Eschauzierstraat is in 1909 en 1915 een maatschappelijk belangrijk en architectonisch schilderachtig complex van enkele tientallen sociale woningen gebouwd. Het hoogtepunt van West-Terschelling, de Brandaris, is zo precies in het brandpunt van het dorp terechtgekomen. Deze forse en hoge toren heeft de brand doorstaan. De eerste vuurbaak is al in 1323 op Terschelling gebouwd. In 1593/’94 is de grote toren in opdracht van de Staten van Holland gebouwd. Volksetymologie heeft de toren waarschijnlijk zijn naam bezorgd. Er is geen bewijs dat de legendarische Ierse reizende monnik Sint- Brandaan er iets mee heeft te maken. De toren is in 1834/’35 ingrijpend verbouwd en ommetseld en heeft een lichthuis met koepel en draailicht gekregen. Achter de toren ligt een kleine begraafplaats met een aantal schippersgraven. Tijdens de laatste wereldoorlog heeft de Duitse bezetter op het Seinpaalduin reeksen bunkers gebouwd, de Marineflankbatterie Terschelling- West. Ze zijn deels gesloopt, deels ondergestoven en voor een deel spoedig na de oorlog verbouwd tot vakantiewoningen. Na deze oorlog is het dorp in noordelijke en noordoostelijke richting uitgebreid. Het gemeentebestuur van Terschelling was in het dichte weefsel van het dorp lang bedroevend gehuisvest. Nadat er voor de oorlog al plannen voor een nieuw gemeentehuis waren gemaakt, kon het in 1954 door architect G.A. Heldoorn uit Leeuwarden aan de oostflank van het dorp ontworpen gebouw pas worden gerealiseerd. Een gemeentehuis op een mooie plek in een dennenbosje aan de oostflank van het dorp. Er werd gebruik gemaakt van het geaccidenteerde terrein door een winkelhaakvormige split-level structuur te ontwerpen, die in de op de ambachtelijke bouwtraditie gestoelde stijl van de Delftse School vorm kreeg. Binnen afzienbare tijd zal in de nabijheid een nieuw gemeentehuis worden gebouwd. De wederopbouw in de tweede helft van de 17de eeuw heeft een reeks typisch eilander woningen opgeleverd. Daarvan is een aantal gaaf de eeuwen doorgekomen. Ze worden met hun sierlijke trap- of topgevels voorzien van rode accenten in het gele muurwerk, vlechtingen, friezen en metselmozaïek rond de vensters gewoonlijk commandeurswoningen genoemd. Soms hebben deze en andere woningen voor de eilanden en iets minder voor de kuststreek van het vaste land kenmerkende natuurstenen stoeppalen uit het einde van de 16de en het begin van de 17de eeuw. Met rolwerk en Vlaamse wortels bezitten ze de rijpe renaissance vormgeving die de beeldhouwateliers van de vaste wal beheersten. Ook deze stoeppalen hebben de brand overleefd. De hervormde kerk in de Westerbuurstraat is een eenvoudige zaalkerk met een rechte koorsluiting en een dakruiter. Zij is in 1663 gebouwd en kwam goeddeels onbeschadigd uit de brand van een paar jaar later. Het gebouw is omstreeks 1900 gepleisterd en in de jaren dertig helemaal ommetseld. Ook de doopsgezinde kerk uit 1850 is een eenvoudige zaalkerk. Zij heeft twee gebrandschilderde ramen in vernieuwingsstijl. Nabij de haven heeft het toeristenbedrijf definitief andere activiteiten van scheepvaart en visserij verdrongen. Omstreeks 1875 is een havengebouw gesticht met neoclassicistische elementen en ook de schippersvereniging ‘Het Wakend Oog’ bouwde er in een mengstijl met neorenaissance aspecten een karakteristiek (voormalig) wachtlokaal. Het reddingsboothuis uit 1904 is in een levendige chaletstijl gebouwd nabij de opslag van de kleurige zeebakens. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Oosterend Oosterend is een agrarisch streekdorp dat in de Middeleeuwen is ontstaan op een duinvoet en op de rand van de zuidelijk gelegen polders. Het is lang beschouwd als een buurschap bij het westelijk gelegen Hoorn waar het voor de voorzieningen ook op was gericht. Oosterend heeft nooit een kerk gehad en evenmin andere bijzondere functies, zoals een school, gehuisvest. Wel was in de 14de eeuw nabij dit dorp op een stinswier de Popmastins gebouwd. Het gebouw is in de 16de eeuw al weer gesloopt, maar de stinswier ligt nog steeds ten zuiden van het dorp in de landerijen. Het streekdorp bestaat uit verspreide bebouwing van boerderijen en woningen langs enkele wegen en paden waarvan de Hoofdweg pas laat werd verhard. Ten oosten van het dorp staat aan deze weg nabij de Dwarsdijk een gedenksteen die vertelt dat de verharding van de weg in de volle lengte van het bewoonde deel van het eiland in 1910 is voltooid. De steen bevat ornamenten in de vernieuwingsstijl, ontworpen door J.M. Krijger. Aan de westelijke entree van het dorp staat een vrij jonge – begin 20ste-eeuwse – boerderij van het slak-type met een vriendelijk oranjerood pannendak. Ten noorden van de Hoofdweg staat op nummer 21 een kop-rompboerderij waarvan de jaarankers vertellen dat hij in 1879 is gebouwd. De hoge schuur bezit aan de zijkant een karakteristiek ‘schúntsje’, een houten uitbouw met een zadelkapje. Langs deze boerderij leidt de Lykwei naar de oude weg vlak onder de duinvoet. Op de hoek staat in de lengte van de duinweg een buiten bedrijf gestelde stelpboerderij. De voorgevel vertoont een gave indeling en uit het rechter schuurdak steekt een schúntsje. Ook aan de achterzijde is het een interessante boerderij. Naast de ‘millem’- deur staat een opmerkelijke aangebouwde schoorsteen, die met een zeemansterm het kombuis wordt genoemd. De boerderij nummer 31 uit 1978 heeft een schúntsje. Op de Boschplaat ligt bij de Stuifdijk een bunker die een restant is van de in 1943 door de Duitse bezetter aangelegde ‘Marineflankbatterie Terschelling Ost’. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Midsland Midsland is een streekdorp dat is ontstaan op een oude strandwal. Ten zuiden van het huidige dorp werd aan de Hoofdstraat in de 10de eeuw al een houten kerkje van Stryp gesticht, dat later in steen is vervangen. Maar ook noordelijker, op de huidige plaats van de kerk, is in de 14de of 15de eeuw een kerk gesticht. In de omgeving van het dorp ontstonden nog andere buurschappen: Baaiduinen, Kinnum, Kaart en meer westelijk Hee. Rondom de kerk van Midsland heeft, in tegenstelling tot de andere Terschellinger dorpen, komvorming met een vrij dichte bebouwing plaatsgevonden. Over een slenk werd de Westerdam aangelegd waardoor Stryp aan Midsland vast kon groeien. De Stryper kerk werd in 1569 verwoest, maar het kerkhof is tot het einde van de 19de eeuw in gebruik gebleven. De grafheuvel die meters boven de omgeving uitrijst, raakte in verval. Er staan de voor de eilanden en de kuststreek kenmerkende natuurstenen grafpalen uit het einde van de 16de en het begin van de 17de eeuw die met rolwerk en Vlaamse wortels de rijpe renaissance vormgeving bezitten die de beeldhouwateliers van de vaste wal zo goed beheersten. Het Stryper kerkhof is opgeknapt en nu zijn nog zo’n twintig van deze grafpalen te bewonderen. Nadat de oude kerk van Midsland in 1880 werd afgebroken, is het jaar daarna een kruiskerk in decoratieve mengstijl naar ontwerp van M. Daalder uit Den Helder gebouwd. Op de zuidbeuk kwam een forse lantaarn met een achtzijdige spits. De niet al te degelijk gebouwde kerk is verschillende malen hersteld en op details gewijzigd. Inwendig heeft zij een gestukadoord kruisgewelf, twee galerijen en een orgelbalkon met een orgel uit de bouwtijd. Aan de Heereweg staat het voormalige diaconiehuis uit omstreeks 1880. Aan de Oosterburen staat het van neoclassicistische elementen voorziene Polderhuis (1872) waar de bestuurders van de ingepolderde landerijen (grieën) bijeenkwamen om hun belangen te bespreken. In het dorp zijn verschillende 17deeeuwse woningen met tuitgevels met vlechtingen te vinden. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Lies Hoorn is een streekdorp dat in de Middeleeuwen is ontstaan op een oude strandwal. Op dezelfde wal ontwikkelde zich de agrarische streek Lies. De Dorpsstraat raakte aanvankelijk vooral aan de zijde van de polder, de zuidzijde bebouwd. Vanaf het einde van de 19de eeuw kwam ook aan de overzijde bebouwing. Ten noorden van de streek staat de dorpskerk, verreweg het oudste gebouw van het eiland. Het aan Sint-Johannes gewijde romaanse kerkje zal in het laatste kwart van de 12de eeuw tot stand zijn gekomen. Zij is in de volgende eeuwen herhaaldelijk vergroot en veranderd. Omstreeks 1270 kwam het koor tot stand en enkele tientallen jaren later werd ook het schip vernieuwd. Daarvan is de noordmuur vrij gaaf de eeuwen doorgekomen. Het schip kreeg koepelgewelven die in het begin van de 15de eeuw weer zijn verwijderd. Aan het begin van de 16de eeuw zijn in de zuidgevel gotische vensters aangebracht en kwam er een fraai omkaderde ingangspartij in dezelfde stijl. Omstreeks 1330 werd een hoge toren voor de kerk gebouwd die ook diende als baken voor de scheepvaart. In 1848 is de bouwvallig geworden toren ongeveer gehalveerd en voorzien van een tentdakje. In 1875 werd het kapje vervangen door een ingesnoerde naaldspits. De kerk werd in 1903 uitwendig bepleisterd, maar bij de grondige restauratie van 1963/’69 is de pleisterlaag weer verwijderd. De wanden aan de binnenzijde zijn eveneens als schoon werk behandeld. De kerk is door allerlei sporen een boeiend verhaal in steen. Het interieur bevat fraai meubilair, waartussen vooral de beschilderde en van spreuken voorziene avondmaalstafel uit het begin van de 17de eeuw opvalt. Aan de Dorpsstraat staat de in 1907 gebouwde kloeke pastorie. Ernaast staat een boerderij met voorhuis en vrij lage schuur die aan de zijkant dan ook van een ‘schúntsje’ is voorzien. Hoorn kent nog een aantal boerderijen uit het laatste kwart van de 19de eeuw. Lies heeft nog enkele karakteristieke eilander boerderijen zoals nummer 42 uit 1721 en nummer 13 uit 1738. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Landerum Formerum is een agrarisch streekdorp dat zich op een strandwal tussen Midsland en Hoorn in de 17de eeuw heeft ontwikkeld. Het bestaat uit verspreide bebouwing van boerderijen en woningen. Ten westen is aan de zijde van Midsland op eenzelfde wijze de buurschap Landerum ontstaan. In het dorp, zelf lang beschouwd als een buurschap, heeft nooit een kerk gestaan. Het dorpsgezicht wordt gedomineerd door een korenmolen. De molen was in 1838 op de Dellewal in West gebouwd maar is in 1876 naar Formerum overgebracht. De bedrijfswaardige molen heeft allang een horecabestemming. Het is een achtkante houten stellingmolen, gedekt met riet, en op een gepotdekselde houten onderbouw. Het wiekenkruis heeft een vlucht van twintig meter. In Formerum en omgeving is een aantal boerderijen van het eilander type te vinden. De meeste zijn niet helemaal gaaf meer, maar de oorspronkelijke indeling is meestal nog wel af te leiden. Het heel eigen type van de Terschellinger boerderij is een variant op de langhuisboerderij. Met het woongedeelte en de schuur met stallen en hooivakken onder een doorlopende, ongedeelde kap. Het woongedeelte, het ‘foarein’, bestond oorspronkelijk uit een voorkamer en een binnenkamer met bedsteden. Daarachter volgde de schuur met stalruimte die aan de zijkant voor de dwarsreed is geopend met een houten uitbouw, een zogenoemd ‘schúntsje’ waar de hooiwagens door konden. Een van de best bewaarde boerderijen van dit type is in Formerum Zuid het ‘Spylske Huus’ uit 1759, zo genoemd omdat de naald van het dak door verzakkingen wat bochten vertoont. Het voorhuis heeft een topgevel versierd met vlechtingen en siermetselwerk. De boerderij is allang niet meer als boerenbedrijf in gebruik en inwendig is voor de woonfunctie veel aangepast. De ligging, de sterke hoofdvorm en de fijne detaillering maken deze gerestaureerde boerderij tot een getuigenis van het agrarische verleden van de polders van het eiland. Aan het Zuid van Formerum en in Landerum staan meer vrij gave 19de-eeuwse boerderijen, waarvan enkele voor de recreatie zijn ingericht. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Hoorn Hoorn is een streekdorp dat in de Middeleeuwen is ontstaan op een oude strandwal. Op dezelfde wal ontwikkelde zich de agrarische streek Lies. De Dorpsstraat raakte aanvankelijk vooral aan de zijde van de polder, de zuidzijde bebouwd. Vanaf het einde van de 19de eeuw kwam ook aan de overzijde bebouwing. Ten noorden van de streek staat de dorpskerk, verreweg het oudste gebouw van het eiland. Het aan Sint-Johannes gewijde romaanse kerkje zal in het laatste kwart van de 12de eeuw tot stand zijn gekomen. Zij is in de volgende eeuwen herhaaldelijk vergroot en veranderd. Omstreeks 1270 kwam het koor tot stand en enkele tientallen jaren later werd ook het schip vernieuwd. Daarvan is de noordmuur vrij gaaf de eeuwen doorgekomen. Het schip kreeg koepelgewelven die in het begin van de 15de eeuw weer zijn verwijderd. Aan het begin van de 16de eeuw zijn in de zuidgevel gotische vensters aangebracht en kwam er een fraai omkaderde ingangspartij in dezelfde stijl. Omstreeks 1330 werd een hoge toren voor de kerk gebouwd die ook diende als baken voor de scheepvaart. In 1848 is de bouwvallig geworden toren ongeveer gehalveerd en voorzien van een tentdakje. In 1875 werd het kapje vervangen door een ingesnoerde naaldspits. De kerk werd in 1903 uitwendig bepleisterd, maar bij de grondige restauratie van 1963/’69 is de pleisterlaag weer verwijderd. De wanden aan de binnenzijde zijn eveneens als schoon werk behandeld. De kerk is door allerlei sporen een boeiend verhaal in steen. Het interieur bevat fraai meubilair, waartussen vooral de beschilderde en van spreuken voorziene avondmaalstafel uit het begin van de 17de eeuw opvalt. Aan de Dorpsstraat staat de in 1907 gebouwde kloeke pastorie. Ernaast staat een boerderij met voorhuis en vrij lage schuur die aan de zijkant dan ook van een ‘schúntsje’ is voorzien. Hoorn kent nog een aantal boerderijen uit het laatste kwart van de 19de eeuw. Lies heeft nog enkele karakteristieke eilander boerderijen zoals nummer 42 uit 1721 en nummer 13 uit 1738. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Formerum Formerum is een agrarisch streekdorp dat zich op een strandwal tussen Midsland en Hoorn in de 17de eeuw heeft ontwikkeld. Het bestaat uit verspreide bebouwing van boerderijen en woningen. Ten westen is aan de zijde van Midsland op eenzelfde wijze de buurschap Landerum ontstaan. In het dorp, zelf lang beschouwd als een buurschap, heeft nooit een kerk gestaan. Het dorpsgezicht wordt gedomineerd door een korenmolen. De molen was in 1838 op de Dellewal in West gebouwd maar is in 1876 naar Formerum overgebracht. De bedrijfswaardige molen heeft allang een horecabestemming. Het is een achtkante houten stellingmolen, gedekt met riet, en op een gepotdekselde houten onderbouw. Het wiekenkruis heeft een vlucht van twintig meter. In Formerum en omgeving is een aantal boerderijen van het eilander type te vinden. De meeste zijn niet helemaal gaaf meer, maar de oorspronkelijke indeling is meestal nog wel af te leiden. Het heel eigen type van de Terschellinger boerderij is een variant op de langhuisboerderij. Met het woongedeelte en de schuur met stallen en hooivakken onder een doorlopende, ongedeelde kap. Het woongedeelte, het ‘foarein’, bestond oorspronkelijk uit een voorkamer en een binnenkamer met bedsteden. Daarachter volgde de schuur met stalruimte die aan de zijkant voor de dwarsreed is geopend met een houten uitbouw, een zogenoemd ‘schúntsje’ waar de hooiwagens door konden. Een van de best bewaarde boerderijen van dit type is in Formerum Zuid het ‘Spylske Huus’ uit 1759, zo genoemd omdat de naald van het dak door verzakkingen wat bochten vertoont. Het voorhuis heeft een topgevel versierd met vlechtingen en siermetselwerk. De boerderij is allang niet meer als boerenbedrijf in gebruik en inwendig is voor de woonfunctie veel aangepast. De ligging, de sterke hoofdvorm en de fijne detaillering maken deze gerestaureerde boerderij tot een getuigenis van het agrarische verleden van de polders van het eiland. Aan het Zuid van Formerum en in Landerum staan meer vrij gave 19de-eeuwse boerderijen, waarvan enkele voor de recreatie zijn ingericht. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Oost-Vlieland Oost-Vlieland is na de ondergang van het oorspronkelijk grotere West-Vlieland in het midden van de 18de eeuw het enige dorp van het eiland. Het is een streekdorp dat in de 12de eeuw is ontstaan. De brede, door flink geboomte omzoomde en ongeveer een kilometer lange Dorpsstraat heeft aan weerszijden gesloten bebouwing die slechts door stegen en gloppen, wordt onderbroken. De meeste bebouwing kent slechts één volledige bouwlaag en vertoont veel variatie, zowel in functie en architectonische uitdossing als in de leeftijd van de gebouwen: van de 17de tot de 20ste eeuw. Aan de vooravond van de Tweede Wereldoorlog woonden nog geen 500 mensen op het eiland en in de periode daarvoor is weinig gebouwd. Vanaf de tweede helft van de jaren vijftig zijn ten noorden van het oude dorpslint lange rijen sociale woningen aan onder meer de Nieuwstraat en Middenweg gebouwd en ook daarna breidde het dorp zich nog uit, meest in noordoostelijke richting van het bos tot en met de recente uitbreiding aan het Vorkduin. De hervormde kerk is in 1605 van gele steentjes gebouwd ter vervanging van een oude kapel. In 1647 zijn er dwarspanden toegevoegd, waardoor het een kruiskerk werd. Het interieur bezit bijzonder meubilair. De kerk vormt met kerkhof en aan de andere zijde het diaconiehuis een schilderachtig ensemble. Het diaconiehuis uit 1641 is een lang pand met opvallend hoge kap met een smal uitgemetseld middendeel. Het heeft bijzondere interieuronderdelen. Op de hoek van het kerkplein staat het voormalige raadhuis met een merkwaardig klokkentorentje. De oorsprong is al van 1598, maar het is in 1855 herbouwd. Ertegenover kwam in 1998 het nieuwe raadhuis tot stand. Helemaal aan de andere zijde van het dorp staat vlakbij de haven het in 1877 naar ontwerp van C.H. Peters gebouwde voormalige postkantoor. Middenin de Dorpsstraat vraagt een breed, gepleisterd pand met een onregelmatige indeling de aandacht. Dit Tromphuis is thans museum en heeft in het verleden onder meer als onderkomen van de Admiraliteit van Amsterdam en het Noorderkwartier dienst gedaan. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Bakhuizen Bakhuizen is een komdorp aan de voet van een keileemrug die even ten oosten van het dorp tot meer dan 11 meter hoog is. Bakhuizen is omstreeks 1200 ontstaan als buurt die oorspronkelijk bij het zuidoostelijk gelegen Mirns behoorde. Na de Hervorming bleef het een katholieke enclave en maakte zich in de loop van de 18de eeuw los van Mirns. Het was aanvankelijk een streekdorp langs doorgaande wegen als de Sint-Odulphusstraat en de Teeuwis de Boerstraat. Maar het is sinds het midden van de 19de eeuw in zuidelijke richting uitgebreid tot komdorp met vrij losse bebouwing en een open kern, waar ook het kerkhof ligt. Er heeft met nieuwbouw verdichting plaatsgevonden. Langs de genoemde straten staat een aantal fraaie middengangswoningen uit het einde van de 19de eeuw maar ook burgerhuizen uit de tussenoorlogse jaren. In de Sint- Odulphusstraat staan een aardig café en een winkel. Na de oorlog zijn met traditionalistische volkshuisvesting de ruimten in de wanden van de Teeuwis de Boerstraat gesloten en onlangs kwam daar een passende brandweerpost bij, waardoor deze belangrijke straat een evenwichtig beeld oplevert. Spoedig hierna kreeg de dorpsentree vanuit het oosten gestalte met bebouwing aan de Rysterdyk. Ten noorden van de kerk werden even later de bebouwingswanden om het Plantsoen gevormd. Er is ten zuiden van de Bakwei een heel nieuw wijkje ontstaan. In het noordwesten staat de rooms-katholieke Sint-Odulphuskerk, gebouwd in 1913/’14 naar ontwerp van architect Wolter te Riele ter vervanging van een kerkje uit 1857. De kerk is een pseudobasiliek in neogotische stijl met een driezijdig gesloten koor en een toren met een ingesnoerde spits. Het schip heeft netgewelven, de zijbeuken kruisgewelven. Het meubilair is afkomstig uit het atelier van F.W. Mengelberg. Het orgel is van de gebroeders Adema. De gebrandschilderde ramen zijn in 1914 vervaardigd door F. Nicolas en de muur- en gewelfschilderingen (1935/’41) zijn van Johannes Ydema. In de Nagelhoutstraat is in 1938 het vrouwenklooster Mariahof gebouwd. In 1987 werd het verbouwd tot 19 appartementen. Lees meerTekst: © Foto: © Hendrik van Kampen
Presentatietekening Prinsentuin, Tournooiveld en Oldehoofsterdwinger -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kaart van het terrein langs de Zuiderzeekust van het waterschap De Zeven Grietenyen en de stad Sloten (blad II) -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Schetskaartje van de dijkdoorbraak van 1701 bij de voormalige Teroelster Kolk -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kaart van Harlingen (gered bij een brand in 1732) Plattegrond van Harlingen met de limietscheiding van Almenum daarop aangegeven. N.B. J. van Leeuwen vermeldt in een notitie hierbij dat deze kaart heeft gediend als bewijsstuk in een proces tussen de stad en de grietenij Barradeel. De kaart bevond zich in 1732 in het slot der Van Harens te St. Annaparochie waaruit deze tijdens de brand is gered.Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kaart van het gebied ten noorden en noordoosten van Beetsterzwaag -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
(Ontwerp-)tekening van de voortuin van bij Osingastate te Langweer -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kadastrale gemeenten Heerenveen, Knijpe en Mildam Kaart van Oranjewoud, Mildam en Oudeschoot, met daarop aangegeven de ligging van de scholen, de plaats van de nieuw te bouwen school te Oranjewoud en de grens van het gebied waarbinnen de leerlingen naar de scholen in genoemde plaatsen gaan.Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kaart van Schiermonnikoog met daarop aangegeven het tracé van een aan te leggen zeedijk -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Tekening van de haven van Stavoren met uit te voeren werkzaamheden -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kaart van het terrein langs de Zuiderzeekust van het waterschap De Zeven Grietenyen en de stad Sloten (blad I) -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kaart van de Groote en provinciale Communicatien met dedaar op zich bevindende Bruggen tollen etc. -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Project voor de verhooging en verzwaring van de zeedijk ten westen van de Lemmer -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland
Kaart van de Friesche Wadden volgens de opnemingen van 1879 door de Maatschappij tot Landaanwinning -Lees meerTekst: © Foto: © FrieslandWonderland