Deel:


Bezienswaardigheden in Tzummarum


Voormalig station

Tzummarum, Stasjonswei 3: stationsgebouw NFLS

De stations van de 'Noord Friesche Lokaal Spoorwegmaatschappij' kenden een klasse-indeling. Het station Tzummarum is een voorbeeld van de klasse B, een vereenvoudigde variant van klasse A, en werd gebouwd omstreeks 1902. Na de opheffing van de vervoersmaatschappij bleven alle stationsgebouwen verweesd achter. De meeste hebben een woonbestemming gekregen, waardoor ze zowel in- als uitwendig wijzigingen hebben ondergaan.

Bjirmen

In de Bjirmen bezit It Fryske Gea landschapselementen van cultuur­historisch belang: de oude kleiputten. Vogels kiezen de kleiputten als hoogwatervluchtplaatsen. De lage en zilte graslanden zijn vooral van belang voor weidevogels. Bijzonder is de begroeiing van het zilte grasland.
De oude kleiputten zijn opvallende elementen in het landschap. In het Fries heten de overblijfselen van de kleiwinning dyksputten. De klei was in de negentiende eeuw nodig voor het ophogen van de zeedijk. Na het werk bleven lage aflopende graslanden over, met op de watergrens slikkige strandjes die naar voedsel

Martinustsjerke

In de middeleeuwen werd op deze plek een tufstenen romaanse kerk gebouwd. In de jaren 1875-1878 werd de vervallen kerk afgebroken en vervangen door deze neogotische kruiskerk (architect H.R. Stoett). De kerk kreeg een nieuw orgel, gebouwd door de gebroeders van Dam. Bij de modernisering in 1951 ging een groot deel van het oorspronkelijke interieur verloren. Bij binnenkomst passeert iedereen de doopvont: men wordt herinnerd aan de doop Tussen tafel en lezenaar ligt een openplek. De stoelen staan daar in een ovaal omheen.Wij cirkelen om het geheim als wij samen komen als gemeente.

Sint-Martinustoren van de protestantse kerk

Toen de bouwvallige Martinuskerk zou worden afgebroken, kwam vanuit Den Haag, waar de monumentenzorg ontluikte, in 1876 toestemming om nieuw te bouwen als dat maar volgens de bouworde van de oude kerk gebeurde. Het resultaat is een merkwaardige neogotische kerk. De toren kon worden gehandhaafd, alleen het zadeldak is toen vervangen door een ingesnoerde spits. De toren is met zijn rijke plastiek een sierlijk exemplaar van de late gotiek uit het begin van de 16de eeuw. Hij heeft vier door cordonlijsten gescheiden geledingen op een basement met daarin een kleine rechthoekig omkaderde toegang. In