Deel:

|


Sloten

Sloten lijkt een ideale renaissancestad: een kruis van water en weg met een regelmatige vesting er omheen en in het brandpunt de gebouwen van het wereldlijk en kerkelijk gezag. Maar het kleine Sloten is ouder dan de gestichte renaissancesteden en is tot een ideale vorm gegroeid. De stadsstructuur is bijna regelmatig. In de schaduw van de veevoederfabriek – in 1903 als zuivelfabriek begonnen – stond tot het midden van de 19de eeuw de Koepoort die haar evenknie had met de Wyckelerpoort aan de andere zijde: de twee landpoorten in de vroeg-middeleeuwse handelsweg. De weg kruiste hier de Ee, een belangrijk water voor het doorgaande verkeer.


Toen de nederzetting zich in de volle Middeleeuwen tot stad ontwikkelde, was de betekenis van de oude landweg al afgenomen: de Koestraat is dan ook een smal straatje. Aan de andere kant van het Diep wordt die bijna even smal voortgezet met de Dubbelstraat, geflankeerd door keurige huizen. Langs het Diep staan de voorname huizen. De economische betekenis van het waterverkeer overtrof kennelijk die over land.


Op de Herenwal staat het voormalige stadhuis uit 1759. De middenpartij heeft barokke versieringen en de raadzaal bezit Lodewijk XVI-decoraties. Sloten is tot 1984 een zelfstandige stadsgemeente gebleven, een van de kleinste van het land. Toen zijn Sloten en Gaasterland samengevoegd en verloor het stadhuis zijn functie. Het museum ‘Stedhûs Sleat’ kwam erin met onder meer een fascinerende presentatie van ‘Sloten, de ideale stad’. De oorspronkelijke kapel is in 1647 tot kerk vergroot in laat-gotische stijl. Achter de eenvoudige gele tuitgevel staat een dakruiter op het dak. Achter het nogal gesloten front staat een door grote vensters overvloedig verlichte kerk. Het meubilair dateert goeddeels uit de bouwtijd. Op Heerenwal 53 staat het dubbele, van trapgevels voorziene pand dat als burgemeesterswoning, later als pastorie gebruikt werd en thans particulier wordt bewoond. Het rechter gedeelte is blijkens de ankers van 1610 en het linker is een uitbreiding van 1671. In de zaal van dit pand vergaderde de raad en werd recht gesproken. Op de Heerenwal staat verder een keur aan aardige woningen en pakhuizen met voorgevels in allerlei vormen en stijlen.


Aan het einde van de Heerenwal ligt de Lemsterwaterpoort over het Diep, een hoge, van gele baksteen gemetselde waterpijp. De korfbogige doorgang is afgezet met bewerkte zandsteenblokken en we zien de wapenschilden van Sloten (met SPQS en 1821) en Friesland. Naast de waterdoorgang zit een ruime doorgang voor voetgangers en daartussen aan de binnenkant de ruimte van het cachot. Op het bastion bij de poort staat de korenmolen: een 18de-eeuwse bovenkruier met stelling. Hier stond al sinds de late Middeleeuwen een standaardmolen.


Het zuidwestelijke kwartier van Sloten, het grootste, is het gebied waar boerderijen stonden. Achter het zuidwestelijke bolwerk staat een flinke kop-hals-romp en er zijn nog meer sporen van agrarische activiteiten in deze hoek. Aan de westzijde van het Diep ligt de Voorstreek met een groot aantal woningen in allerlei stijlen. Onder meer een ingetogen pandje met een uitbouw boven de stoep en een luifel met een charmante bebording. Verder een klokgevelpaar uit het midden van de 18de eeuw en een pronkje met een trapgevel uit 1655 die in renaissancestijl is versierd met veel onderdelen in zandsteen. Op de hoek van de Dubbelstraat staat Herberg De Zeven Wouden. Aan het begin van de Kapelstreek was de waag in een uiterst eenvoudig gebouwtje gevestigd.


Aan het einde van deze kade staat de in 1933 gebouwde rooms-katholieke kerk met een forse zadeldaktoren. De Lindengracht aan de overzijde heeft eveneens een gevarieerde bebouwing met fraaie lijst- en klokgevels. Niet alleen hier, maar overal langs het Diep staan gesnoeide linden. De Sneker- of Woudsender waterpoort heeft eenzelfde vorm als die aan de andere kant. Aan de veldzijde zitten fraai gehouwen platen met het stadswapen en SPQS en 1768. Aan de oostzijde ligt het vroeger zompige Buitenland dat thans onregelmatig bebouwd is. De deels afgegraven bolwerken met soms flink geboomte vormen het decor voor een fraaie wandeling.

Colofon

Uitgeverij: NoordBoek - Auteur: Peter Karstkarel


© Tekst: - © Foto voorblad: FrieslandWonderland

Sloten
©: FrieslandWonderland

Mogelijk ook interessant voor u.



Ook interessant


Alle elf Friese steden hebben in 2018 een stadsfontein gekregen in het kader van Leeuwarden Culturele hoofdstad. Elf stadsfonteinen ontworpen door evenzovele internationale kunstenaars van naam en faam. De fonteinen staan er inmiddels dus al meer dan vier jaar.

Hoewel er in 2018 best wel wat gemor is geweest over de kosten, de te kiezen locatie en, in geval van de Dokkumer IJsfontein, de opwekking van de benodigde energie, zijn de fonteinen uiteindelijk opgenomen in het hart van menig Fries. Ze horen nu net zo bij de Friese steden als de Oldehove bij Leeuwarden, De Waterpoort bij Sneek, het planetarium bij Franeker en de Broerekerk bij Bolsward.

Ik kom tot deze conclusie omdat ik regelmatig de Love-fontein in Leeuwarden bezoek. Twee metershoge gezichten die elkaar aanstaren en bij windstil weer gehuld zijn in kunstmatige mistvlagen. Ik kom hier niet zozeer vanwege de fontein zelf maar als vaste “pleisterplaats” tijdens een fietstochtje. De fontein in Leeuwarden staat voor het treinstation midden in een mooi onderhouden gazon met rondom bankjes van beton en hout. Het is er altijd gezellig druk. Halers en brengers rijden af en aan en niet alleen voor treinreizigers. Ook rijinstructeurs gebruiken het plein om lesrijders op te pikken en weer af te leveren.

Het is opvallend hoeveel mensen van de fontein een foto van maken, een selfie of zelfs een vlog. Zoveel “media-aandacht” voor een fontein maakt nieuwsgierig. Bij navraag blijkt dat zowel toeristen als inwoners van Friesland bezig zijn met een persoonlijke elffonteinentocht. Ze bezoeken ze stuk voor stuk per fiets, auto of motor, maken foto’s voor een eigen verzameling en kiezen een persoonlijke favoriet.

Nu nog een stempelkaart.


Nieuwe encyclopedie van Fryslân voor slechts € 29,90 incl. verzenden!

Bijna 8 kilogram aan kennis over Friesland! Wees er snel bij want op is op.

De Nieuwe Encyclopedie van Fryslân is een onmisbare aanvulling in de boekenkast voor iedereen die gek is van Fryslân en meer wil weten van deze provincie. Op 15 september 2016 verscheen de vierdelige encyclopedie die rond de 3000 pagina’s telt, 11.000 trefwoorden bevat en ruim 8 kilo weegt. De encyclopedie staat bomvol actuele kennis over Fryslân en is een echte pageturner geworden.

Voor al diegenen die dit standaardwerk over Fryslân altijd al hadden willen hebben! Nu voor een wel heel speciaal prijsje! Maar let op! Op = Op!